Hoekstra, Anna Cornelia (1881-1974)

 
English | Nederlands

HOEKSTRA, Anna Cornelia, vooral bekend als A.C. ter Horst-Hoekstra (geb. Hauwert 25-1-1881 – gest. Zeist 25-9-1974), onderwijzeres en schrijfster in West-Fries dialect. Dochter van Jacob Hoekstra (1836-1914), grof- en hoefsmid, en Geertje Ellerbroek (1837-1928). Anna Cornelia Hoekstra trouwde op 27-9-1917 in Rotterdam met Roelof ter Horst (1879-1973), hoofdonderwijzer. Dit huwelijk bleef kinderloos.

Anna Cornelia (Annie) Hoekstra werd geboren in het West-Friese Hauwert (bij Nibbixwoud), als jongste van twaalf kinderen in een doopsgezind gezin. Ze was een nakomertje: van haar oudere broers en zussen was een aantal al jong gestorven, en mede daardoor scheelde ze tien jaar met de broer boven haar. Annie groeide op in de smederij van haar ouders, domineeszoon Jacob Hoekstra uit Twisk en tuindersdochter Geertje Ellerbroek uit Andijk. Ze hing aan haar moeders lippen als deze over haar kinderjaren bij ‘Bub en Opoe’ (opa en oma) vertelde. Die verhalen en haar eigen jeugdervaringen verwerkte ze ruim een halve eeuw later in haar West-Friese schetsen en romans.

Annie ging in Hauwert naar de openbare lagere school, waar ze les kreeg van hoofdmeester Klaas Ruyterman. Later bezocht ze de kweekschool – mogelijk in Den Haag, waar ze vóór 1904 woonde – en stond ‘Juf Hoekstra’ op haar oude school voor de klas. Ze woonde in die tijd (vanaf 1904) in Oterleek (bij Alkmaar). In 1913, op haar 32ste, keerde ze terug naar Den Haag, waar ze als huishoudster introk bij onderwijzer en weduwnaar Roelof ter Horst en zijn zesjarige dochtertje Maria Gezina in de Amperestraat (nr. 12). Toen hij in 1915 in Rotterdam schoolhoofd werd, verhuisde Annie Hoekstra met hem mee. Ze woonden in de Havenstraat (nr. 130A) en trouwden twee jaar later.

Hoedster van de West-Friese taal en dorpscultuur

Ondanks haar langdurige verblijf buiten West-Friesland bleef A.C. ter Horst-Hoekstra nauw betrokken bij haar geboortestreek. Vanaf 1934 schreef ze voor het jaarboek van het Historisch Genootschap Oud West-Friesland en het historische maandblad De Speelwagen regelmatig kleine en grotere schetsen in West-Fries dialect. Zo legde ze het wel en wee van het West-Friese dorpsleven vast in bijdragen als ‘Ete wat de pot skaft & De duvel in de bedstee’ (1934), ‘De beste domenie’ (1950) – ‘een kostelijk verhaal over een dominee die zo merakel mooi preken kon’ (De Vrije Alkmaarder, 27-5-1950) – en ‘De nuwe mode’ (1950) – ‘een gezellige schets in Hauwerts dialect’ (Alkmaarsche Courant, 10-11-1950). Ze deed dit om ‘iets van het oude maar toch eigene te bewaren’, aldus de schrijfster (gecit. Boots 2004).

In 1954 debuteerde A.C. ter Horst-Hoekstra – ze woonde inmiddels met haar man in Zeist – op 74-jarige leeftijd als romanschrijfster met Kloin Pittichie (1837-1888), een uitwerking van de verhalen die ze eerder had geschreven. In het Oud-West-Friese dialect van haar (groot)ouders beschrijft ze het leven van haar moeder en het toenmalige plattelandsmilieu in Andijk en Hauwert, al was niet alles waargebeurd en had ‘de fantasie het geheugen vaak te hulp moeten komen’, zoals ze in het voorwoord benadrukt (gecit. Boots 2004). Ze kreeg lovende recensies: deze roman was geen ‘vertaald Nederlands’, maar gaf in authentieke streektaal een boeiend en levendig beeld van de West-Friese volkscultuur, aldus dialectologe Jo Daan (Daan en Pée 1955, 196).

Vergelijkbare lof kreeg A.C. ter Horst-Hoekstra voor haar tweede roman, De boerderai van Siewert Klomp. Boerelief en -leid in Westfriesland 1860-1885 (1961), gebaseerd op haar eigen jeugd en geschreven in haar eigen West-Friese dialect. ‘Al lezende worden we weer kinderen en luisteren in de schemeravond naar grootmoeder’, schreef Jo Daan in het voorwoord. Zij roemde de zeer levendige personages en beschrijvingen van het dorpsleven en het ‘vrijwel zuivere dialect’, zoals dat in werkelijkheid werd gesproken – zó moest een romancier het rap verdwijnende West-Fries voor de toekomst vastleggen (gecit. Boots 2004, 95-96). In haar derde roman, Jan Duim, aars om mit de wiele (1963) vertelt de inmiddels 84-jarige A.C. ter Horst-Hoekstra aan de hand van de fictieve figuur Jan Duim het verhaal van arme boerenarbeiders aan het begin van de twintigste eeuw die zich aan de armoede wisten te ontworstelen. Ter Horst-Hoekstra droeg het boek op aan haar oud-onderwijzer Ruyterman.

Voor zover bekend publiceerde A.C. ter Horst-Hoekstra na haar derde roman niet meer. Haar laatste jaren woonde ze aan de Platolaan (nr. 54) in Zeist, waar ze op 25 september 1974 – nog geen jaar na haar man – stierf in de ouderdom van 93 jaar. Ze werd gecremeerd in Crematorium Daelwijck in Utrecht.

Betekenis

A.C. ter Horst-Hoekstra geldt als een van de beste schrijvers in het West-Friese dialect. In 1961 kreeg ze op de 37ste Westfriezendag van het Historisch Genootschap Oud-West-Friesland in Schagen een in kunstleer gebonden exemplaar van haar roman De boerderij van Siewert Klomp uitgereikt (De Tijd, De Maasbode 20-7-1961). En in 1965 werd de toen 84-jarige Ter Horst-Hoekstra in Nibbixwoud door het Historisch Genootschap gehuldigd voor haar ‘onschatbare bijdrage voor het bewaard blijven van het West-Friese dialect’ en haar moed en energie om op hoge leeftijd nog te gaan schrijven. In zijn In Memoriam noemt Jan Pannekeet haar ‘een begrip voor West Friesland en de Westfriezen’, ‘een goed mens’ en ‘een bewonderenswaardig schrijfster’: haar werk is ‘bezield door oprechte liefde voor West-Friesland’ en wars van sentimentaliteit en chauvinisme (Pannekeet 1975).

Archivalia

  • Regionaal Archief Alkmaar: verhuiskaarten bevolkingsregister; kranten.
  • Gemeentearchief, Den Haag: verhuiskaart bevolkingsregister.
  • Stadsarchief, Rotterdam: BS Huwelijksakte.
  • Overlijdensadvertenties Roelof ter Horst (NRC 10-12-1973) en Anna Cornelia ter Horst-Hoekstra (NRC 28-9-1974).

Publicaties

Een overzicht van de publicaties van A.C. ter Horst-Hoekstra in West-Frieslands Oud en Nieuw (WFON ) en De Speelwagen is te vinden bij het Westfries Archief in Hoorn.

Selectie van haar werk:

  • ‘Ete wat de pot skaft & De duvel in de bedstee’, WFON 8 (1934) 162-167.
  • ‘Uit ‘t doen en leiten van ‘n kloin Pittichie, geboren te Andijk 1837’, WFON 9 (1935) 99-112 en 10 (1936) 119-138.
  • ‘Een beste domenie’, De Speelwagen 5 (1950) 138-139.
  • ‘De nuwe mode’, De Speelwagen 5 (1950) 292-294.
  • ‘De breie Klouf ‘, De Speelwagen 7 (1952), 139-148.
  • Kloin Pittichie 1837-1888 (Hoorn 1954).
  • De boerderai van Siewert Klomp, Boerenlief en -leid in Westfriesland 1860-1885 ([Hoorn] 1961).
  • Jan Duim. Aars om mit de wiele (Hoorn [1963]) [ook gepubliceerd in: WFON 32 (1965) 7-106].

Literatuur

Illustratie

A.C. ter Horst-Hoekstra. Fotopersbureau Robert van der Randen, 1965 (Westfries Archief, Hoorn) [in bestelling]

Auteur: Marie-Cécile van Hintum.

laatst gewijzigd: 26/09/2017