Hoogenhuyzen, Elisabeth Georgina van (1775-1794)

 
English | Nederlands

HOOGENHUYZEN, Elisabeth Georgina van (ged. Den Haag 4-10-1775 – begr. Den Haag 31-5-1794), bloem- en fruitschilderes. Dochter van Adrianus van Hoogenhuyzen (gest. 1798) en Christina Philippina van Freysenthal (gest. 1797). Elisabeth Georgina van Hoogenhuyzen bleef ongehuwd.

Elisabeth Georgina van Hoogenhuyzen kwam uit een aanzienlijke familie en leerde overeenkomstig haar stand tekenen, met name bloemen en vruchten. Daarna begon zij te schilderen in olieverf. Zij leerde het vak niet, zoals men meende, van D.J. Guicherit, kunstkenner en tekenaar, maar van Johannes Christiaan Roedig, die onder andere in Rusland veel succes had met zijn bloem- en fruitstillevens. Wel had Guicherit – en dat zegt veel over haar talent – maar liefst vier werken van Van Hoogenhuyzen in zijn bezit. Bij hem maakte haar eerste biograaf, Adriaan van der Willigen (1766-1841), kennis met haar werk. Ten onrechte veronderstelde hij daarom dat Guicherit haar leermeester was geweest, reden voor de zoon van Roedig om hem in 1818 op dit punt te corrigeren.

Het is aannemelijk dat de werken die bij Guicherit hingen en die Van der Willigen beschreef tot haar beste werken behoorden. Een bloemstilleven dat een gedeeltelijke kopie is naar Rachel Ruysch laat zien hoe het vak toentertijd in de praktijk werd geleerd. Ook al nam ze niet alle bloemen van het boeket over, het resultaat is desondanks overtuigend.

De grote faam van Elisabeth Georgina van Hoogenhuyzen blijkt uit het feit dat H. Collot d’Escury haar in 1825 op één lijn zette met de groten onder de bloemschilders: Jan van Huysum, Rachel Ruysch en Jan Davidsz de Heem. Daarna werd zij in talloze lexica opgenomen als schilderes of, iets minder vleiend, als dilettante. Net als veel andere bloemstillevens leent haar werk zich voor ‘merchandising’. De meest recente afbeelding verscheen niet in een kunstboek, maar in een agenda.

Elisabeth Georgina van Hoogenhuyzen stierf in mei 1795 aan een ‘verzwering aan de lever’ en werd begraven in de Kloosterkerk. Zij is slechts achttien jaar oud geworden. Van haar is dan ook maar een klein aantal werken bekend. Van der Willigen beschrijft een bloemstuk en een fruitstuk naar Rachel Ruysch, gesigneerd en gedateerd 1792. Ook vermeldt hij twee tekeningen, een gekleurde schets van bloemen op de manier van Jan van Huysum en een onvoltooide tekening van enkele abrikozen.

Naslagwerken

Van der Aa; Van Eijnden en Van der Willigen; Hostyn/Rappard; Immerzeel; Lexicon van Noord-Nederlandse kunstenaressen; Petteys; Scheen; Thieme; Wurzbach.

Archivalia

  • Haags Gemeentearchief: DTB.
  • Rijksdienst voor Kunsthistorische Documentatie, Den Haag: archief Van der Willigen [brief J.W. Roedig aan A. van der Willigen, 25-3-1818]; fiches Hofstede de Groot; brief Peter Mitchell aan Fred Meijer, Londen, 3-9-1992.

Werken

Uit veilinggegevens is nog het volgende bekend:

  • Een fruitstuk, ‘rijk aan ordonnantie en fraai van schildering’ (16 x 20 duim, veiling Den Haag 5-7-1814, w. 363) (fiches Hofstede de Groot).
  • Rozen, tulp, pioen en andere bloemen in een glazen vaas, gesigneerd en gedateerd 1790 (?) (paneel, 47,5 x 37 cm., veiling Ader-Picard-Tajan, Parijs 16-11-1977; het ging voor 29.000 franc naar kunsthandel Ségoura, Parijs).
  • Bloemen in een terracotta vaas en vruchten op een marmeren plint, met doorkijk op een landschap met cipressen, gesigneerd en gedateerd 1792 (paneel, 54 x 45 cm., veiling Blois 26-11-1984; het was in 1990 in bezit van kunsthandel John Mitchell & Son, Londen).

Literatuur

  • H. Collot d’Escury, Hollands roem in kunsten en wetenschappen, deel 1 (Den Haag/Amsterdam 1825; 2de druk) 106.
  • E. Ellet, Women artists in all ages and countries (Londen 1859) 144.
  • M.H. Grant, Flower paintings through four centuries. A descriptive catalogue of the collection formed by [...] Henry Rogers Broughton including a dictionary of flower painters from the XIVth to the XIXth century (Leigh-on-Sea 1952) 39.
  • The flower diary (Londen 1992) [afb. op omslag (detail) en tegenover 14 december (schilderij 1792)].
  • M. Ellens, ‘Een “loffelyke studie”. Het achttiende-eeuwse bloemstilleven’, Kunstlicht 25 (2004) 4, 27.

Auteur: Mariël Ellens

laatst gewijzigd: 13/01/2014

De datum onder dit biografisch lemma geeft aan wanneer er voor het laatst aanvullingen en/of correcties in het stuk zijn doorgevoerd. Met ingang van 2023 is het project afgesloten.