Moor, Elisabeth Henriette Pauline (1937-2016)

 
English | Nederlands

MOOR, Elisabeth Henriëtte Pauline (geb. Heemstede 17-5-1937 – gest. Paramaribo 9-3-2016), letterkundige, uitgeefster en redactrice. Dochter van Henri Theodoor Karel Jozef Moor (1903-1988), inkoper, en Elisabeth van Gelderen (1903-1992), winkelierster. Els Moor trouwde op 14-8-1965 in Amsterdam met Guus Rekers (1938-2015), dramaturg en regisseur. Dit huwelijk, in 1978 ontbonden, bleef kinderloos.

Els Moor werd geboren als jongste van twee – ze had een broer – in een katholiek middenstandsgezin. Haar vader werkte als inkoper bij V&D en De Bijenkorf, haar moeder was filiaalhoudster van de kunst- en cadeauwinkel Au Goût Artistique in Haarlem. Els ging naar het gymnasium in Hilversum en studeerde Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam. Zij werkte twaalf jaar als docent aan het Bussums Lyceum en zeven jaar aan de Open Schoolgemeenschap Bijlmer in Amsterdam-Zuidoost. Op deze school ontstond haar passie voor ‘kindvriendelijk onderwijs’: onderwijs waarin elk kind zijn eigen mogelijkheden op aantrekkelijke manieren kan ontdekken en ontwikkelen. In 1965 trouwde ze met Guus Rekers. Het huwelijk eindigde na dertien jaar in een echtscheiding.

Suriname

In 1978 verhuisde Els Moor naar Suriname. Tot aan haar pensionering (in 1997) werkte ze aan de Surinaamse Kweekschool en het Instituut voor de Opleiding van Leraren. In de jaren tachtig sloot Els Moor zich aan bij de Organisatie voor Gerechtigheid en Vrede (OGV). Deze organisatie onder leiding van Ilse Labadie was de voortrekker van de vreedzame strijd voor mensenrechten, vrede en integriteit in Suriname, en voor berechting van de daders van de Decembermoorden.

Vanaf 1992 gaf Els Moor leiding aan de wekelijkse Literaire Pagina (in 1986 begonnen door Michiel van kempen) van het Surinaamse dagblad De Ware Tijd. Ze zorgde ervoor dat aandacht voor volwassenenliteratuur hierin werd afgewisseld met jeugdliteratuur. Zelf schreef ze tal van recensies en beschouwingen voor de Pagina en organiseerde ze een kring van medewerkers om zich heen die de Pagina van een constante toestroom aan kopij voorzag. De Pagina leverde al snel uitgaven in boekvorm op, zoals de bundel Het merkteken en andere verhalen (1997), die Els Moor met Chandra van Binnendijk redigeerde.

Tegelijk bleef Els Moor over politiek schrijven. In 1996 redigeerde ze met Linda Asin, Geert Koefoed en Hilde Neus de bundel Sporen zoeken. Een boek over twintig jaar Suriname vanaf 1975, om daarmee te voorzien in de leemtes aan informatie over anti-democratische krachten in Suriname.

Fa yu e tron leisibakru

Els Moor was de drijvende kracht achter een nieuwe en vernieuwende literatuurmethode voor de middelbare scholen op seniorenniveau. In 1998 kwam Fa yu e tron leisibakru uit, dat vrij vertaald betekent: Hoe word ik een leesbeest? Ze schreef het boek samen met Joan Vaseur-Rellum en Godeke Donner, vanuit de gedachte dat het zinloos is om Couperus en Hermans te behandelen zolang er geen aandacht was besteed aan de auteurs van het eigen cultuurgebied. De methode betekende een radicale wending naar vooral Surinaamse schrijvers binnen de context van de Caraïbische en Zuid-Amerikaanse cultuur. De methode vereist veel betrokkenheid, inzet en tijd van de leerkracht en werd mogelijk om die reden geen doorslaand succes.

In 2001 richtte Els Moor met anderen een uitgeverij op: Okopipi, vernoemd naar een blauwe, giftige boskikker die in Zuid-Suriname voorkomt. Tussen droom en werkelijkheid. Een keuze uit de literaire pagina van de Ware Tijd (2001) was de eerste uitgave van Okopipi, die hierna werken uitgaf werken van Bea Vianen, Bernardo Ashetu, Marylin Simons en Michiel van Kempen. Slechts enkele jaren kon Okopipi het bolwerken – in 2003 werd de uitgeverij opgeheven omdat ze te weinig financiële armslag had.

Hiernaast investeerde Els Moor van 2002 tot 2015 veel energie in de organisatie van kinderboekenfestivals bij de Stichting Projecten Protestants-Christelijk Onderwijs (hoewel zij zelf niet kerkelijk was), die in Paramaribo en alle districten kinderboekenschrijvers naar een jeugdig publiek brachten. Daarmee heeft ze een grote bijdrage geleverd aan de leesvaardigheid van kinderen in Suriname. Jarenlang was Moor ook betrokken bij het heilpedagogisch centrum Matoekoe in Lelydorp.

Tas op rug

Onvermoeibaar als ze was zette Els Moor zich ook na haar pensionering in voor de verbetering van het onderwijs van Suriname. Met grote frequentie vloog ze naar het Indianendorp Kwamalasamutu in het diepe zuiden van Suriname om de kinderen van de basisschool daar voor te bereiden op hun toegangsexamen tot de mulo of de lts. Een verslag over haar ervaringen binnen het onderwijsveld met de inwoners van het Triodorp verscheen onder de titel Ik draag mijn tas op mijn rug (2008). Als motor van het project Change for Children maakte Els Moor samen met het team van de school van Kwamalasamutu en met de inzet van de leerlingen en ouders drie boekjes die een blik geven in het leven van het dorp.

Els Moor bleef tot aan haar dood de bezielende kracht achter de Literaire Pagina van De Ware Tijd. In juni 2017 bereikte de Pagina haar 1435ste editie. Daarmee is de Literaire Pagina een vaste factor geworden in het literaire leven van Suriname. Er verschijnen gedichten, verhalen, romanfragmenten, interviews, columns, essays, verslagen van boekpresentaties en in memoriams. Bijzonder is dat bij het bespreken van jeugdboeken kinderen betrokken werden die zelf hun mening over boeken konden geven. Tot op haar sterfbed – in letterlijke zin – hield Els Moor de touwtjes van de Literaire Pagina strak in handen. Eigenhandig had ze  de redacteuren opgeleid die na haar verscheiden de redactie overnamen. Verspreide, letterkundige opstellen van Moor over Nederlands-Caraïbische literatuur verschenen in onder meer de tijdschriften Armada, Bzzlletin, Kompas, Nederlands in Suriname en Oso.

Met vuur sprak en schreef Els Moor over alles wat haar bezighield, ook toen er bij haar darmkanker was geconstateerd en ze bedlegerig werd. Na een lang ziekbed overleed ze op 9 maart 2016, in de ouderdom van 78 jaar.

Betekenis

Els Moor had de reputatie weerbarstig, compromisloos en soms weinig diplomatiek te zijn. Haar betekenis voor het Surinaamse onderwijs en de ontwikkeling van de literaire kritiek in Suriname is echter moeilijk te overschatten. Tientallen schrijvers klopten bij haar aan om hun werk te laten redigeren alvorens het in boekvorm het daglicht zag. Ze hamerde op het belang van de eigen literatuur maar vroeg ook aandacht voor het werk van filosofen en de groten uit de wereldliteratuur van vroeger en nu. Ze kon zich bijzonder opwinden over de morele en politieke verloedering van Suriname, over de bureaucratie en over onderwerpen die te maken hebben met het milieu: de kwikvergiftiging bij de goudwinning, het kappen van het regenwoud, het plastic in de rivieren. Maar vooral ergerde zij zich aan de in haar ogen vaak liefdeloze omgang met kinderen.

Archivalia

De grote Surinamica-collectie van Els Moor is ondergebracht bij de bibliotheek van de Anton de Kom-Universiteit.

Publicaties

  • [met Linda Asin, Geert Koefoed en Hilde Neus] Sporen zoeken; Een boek over twintig jaar Suriname vanaf 1975 (Paramaribo 1996).
  • [met Joan Vaseur-Rellum en Godeke Donner] Fa yu e tron leisibakru (Paramaribo 1998).
  • [met Frank Martinus Arion] Albert Helman. Schrijver zonder grenzen (Paramaribo 2003).
  • Haiku’s over de Osembolaan (Paramaribo 2007).
  • Seri en Hugo op het schildpaddenstrand (Paramaribo 2007) [kinderboekje].

Literatuur

  • Lisette Lewin, ‘Bakra op de bres’, NRC Handelsblad, 21-6-2002.
  • Jan Bongers en Hilde Neus, Uitlandig (Paramaribo 2012) [vriendenboek].
  • Michiel van Kempen, ‘Moedig, weerbarstig, liefdevol: Els Moor is heengegaan’, De Ware Tijd Literair, 12-3-2016.
  • Peter de Waard, ‘Bakra, maar Surinaamser dan de Surinamers. Het eeuwige leven van Els Moor (1937-2016)’ , de Volkskrant, 28-4- 2016.

Illustratie

Els Moor, door Michiel van Kempen, 2006 (part. coll.).

Auteur: Michiel van Kempen

laatst gewijzigd: 17/07/2017