Rueb, Anna Catharina (1937-1997)

 
English | Nederlands

RUEB, Anna Catharina, vooral bekend als Anneke van Baalen (geb. Den Haag 25-6-1937 – gest. Amsterdam 1-12-1997), radicaal-feministe, grondlegster van praatgroepbeweging en uitgeverij De Bonte Was, juriste. Dochter van Rob Rueb (1911-1986), rechter, en Wiesje Zaaijer (1911-1996), secretaresse. Anna Rueb (1) trouwde op 6-10-1961 in Rheden met Kees van Baalen (1935-2009), wiskundeleraar; (2) had van 1971 tot 1978 een relatie met Akke van der Meer (1942), redactrice; (3) had vanaf 1978 een verhouding met Marijke Ekelschot (1947). Uit huwelijk (1), dat in 1971 eindigde in een scheiding, werden 1 zoon en 1 dochter geboren.

Anneke Rueb was het oudste kind in een gezin van drie: ze had een jongere zus en broer. In de oorlogsjaren 1940-1945 woonde het gezin bij haar grootouders in Wassenaar, na de oorlog verhuisde het naar Velp vanwege haar vaders benoeming tot rechter in Arnhem. Anneke ervoer de verhuizing als een verbanning, zou ze later schrijven. Na het gymnasium studeerde zij rechten in Leiden, werkte in 1960-1962 als advocaat in Amsterdam en trouwde in 1961 met Kees van Baalen. Ze kregen een zoon, Minus (1963), en een dochter, Laurens (1965).

Van MVM naar radicaal-feminisme

Haar feministische activiteiten begon Anneke van Baalen in 1969 in Man Vrouw Maatschappij (MVM). In 1970 was ze coördinator van de grote landelijke actie ‘Op de vrouw af’. Al snel wilde ze een radicalere koers varen, geïnspireerd door de vrouwenbeweging in de Verenigde Staten. In augustus 1971 verliet ze MVM en ontwikkelde met andere ex-leden en met ex-Dolle-Mina’s een praatgroepbeweging. Daarmee legden zij de basis voor de autonome, radicale vrouwenbeweging die enkele jaren later van de grond zou komen. Vrouwen moesten zich organiseren en zich in ‘consciousness-raising’-groepen bewust worden van de mate waarin hun leven beïnvloed werd door onderdrukking, vond Van Baalen. In diverse artikelen en boeken bepleitte ze het radicaal-feminisme. Haar boodschap was dat alleen het creëren van feministische zusterschappen hielp tegen de vanzelfsprekendheid van patriarchale broederschappen.

In datzelfde jaar 1971 verliet Anneke van Baalen haar echtgenoot. Ze bleef zich Anneke van Baalen noemen omdat zij onder die naam bekend was. Voor de kinderen zette ze met anderen een ‘kinderhuis’ op waar vijf, soms zes kinderen woonden, die bij toerbeurt door de elders wonende ouders verzorgd werden. Voortaan koos ze er bewust voor om alleen nog met vrouwen intieme relaties aan te gaan. Van 1972 tot 1978 woonde ze samen met Akke van der Meer, daarna – tot aan haar dood – met Marijke Ekelschot.

In 1974 werd Anneke van Baalen wetenschappelijk medewerkster Politicologie aan de Faculteit Sociale Wetenschappen van de Universiteit van Amsterdam. Zij bleef haar wetenschappelijk werk combineren met activisme. Om een grotere groep vrouwen te bereiken richtte zij in 1974 samen met anderen uitgeverij De Bonte Was op, een schrijfcollectief waarmee ze tot 1991 boeken publiceerde over bijvoorbeeld huwelijk, seksualiteit, moederschap, werk en hulpverlening. Een van de eerste uitgaven was En ze leefden nog lang en gelukkig (1974). Met Marijke Ekelschot schreef ze een feministische wereldgeschiedenis: De geschiedenis van de vrouwentoekomst (1980).

Anneke van Baalen was mede-initiator van de landelijke vrouwenstaking tegen de abortuswet op 30 maart 1981, waar honderdduizenden vrouwen aan meededen. Andere acties die ze (mede-)initieerde: de advertentiecampagne Verbod Centrumpartij (1983-1984) en acties voor positieve discriminatie (1988-1992). In 1994 promoveerde ze op Hidden masculinity. Max Weber’s historical sociology of bureaucracy, een onderzoek naar de ontstaansgeschiedenis van de mannelijke hegemonie in bureaucratieën. Vanaf 1996 was zij actief in Vrouwen Tegen Uitzetting ter ondersteuning van vrouwelijke vluchtelingen. Ook werkte ze aan haar memoires. Op 1 december 1997 overleed Anneke van Baalen na een kort ziekbed in Amsterdam, zestig jaar oud.

Reputatie

In haar activisme was Anneke van Baalen zeer principieel: je laat je niet voor feminisme betalen; ze keerde zich tegen subsidies voor vrouwenzaken en waarschuwde voor inkapseling. Ze werd gezien als de belangrijkste theoretica en inspirator van het Nederlandse radicaal- feminisme, maar ook als ‘het geweten’. Ze was enigszins gevreesd om haar scherpte en onverzettelijkheid. Marijke Ekelschot werkt aan een biografie van Anneke van Baalen.

Archivalia

Atria, Amsterdam: archief Anneke van Baalen.

Publicaties

Behalve de hierboven genoemde publicaties:

  • [met Marijke Ekelschot], Tegennatuurlijk (Amsterdam 1985).
  • ‘Positieve discriminatie’, Nemesis 3 (1987) nr. 3, 127-133.
  • ‘Adieu MVM’, Katijf 8 (1988) okt/nov., 16-18.
  • [met Marijke Ekelschot], ‘Als zij kan wat een man kan, is ze geen echte vrouw. Over de mythe van keihard werkende mannen’, Opzij 17 (1989) nr. 1, 103-105.
  • ‘Asiel in Wonderland. De patriarchalisering van vluchtelingen’, Tijdschrift voor Vrouwenstudies 18 (1997) nr. 4, 418-432.
  • Brusterschap. Memoires, artikelen 1971-1997, Marijke Ekelschot ed. (Amsterdam 2003).

Literatuur

  • Simone Koudijs, ‘Twintig jaar tweede feministische golf. Terugblik op de barricaden’,
  • Opzij 16 (1988) nr. 10, 68-69.
  • Bregtje van der Haak, ‘Zonen van feministische moeders blikken terug op hun opvoeding’, Opzij 24 (1996) nr. 9, 62-67.
  •  Xandra Schutte en Antoine Verbij, ‘Vrouwen voor vrouwen’, De Groene Amsterdammer, 9-10-1996, 12-15.
  •  www.radicaalfeminisme.nl

Illustratie

Portret, door onbekende fotograaf, 1980 (Atria, Amsterdam).

Auteurs: Mariek Hilhorst en Evelien Rijsbosch

Biografienummer in 1001 Vrouwen: 993

laatst gewijzigd: 23/01/2015