Schilstra, Wietsche Nellij (1910-1997)

 
English | Nederlands

SCHILSTRA, Wietsche Nellij (geb. Apeldoorn 3-11-1910 – gest. Apeldoorn 20-11-1997), historica en lerares. Dochter van Anne Schilstra (1878-1935), onderwijzer, en Zuster Koopmans (1881-1966). Nel Schilstra bleef ongehuwd.

De ouders van Nelly Schilstra waren Fries: ze kwamen beiden uit Akkrum. Haar vader was een beurtschipperszoon die zich als onderwijzer in Apeldoorn had gevestigd. Het gezin woonde in De Klaproos aan de Burglaan, een huis dat Nels ouders in 1906 hadden laten bouwen door Henk Weegerif, een architect die de vader kende van een leesclub van de sociaal-democratische beweging. In dit huis groeiden Nel, haar zuster Anneke (1907-1992) en haar broer Johan (1915-1998) op. Een ander broertje, Jouke, overleed in 1912, zes maanden oud. ‘Mem’ Schilstra werd in 1922 gekozen in de gemeentelijke schoolcommissie van Apeldoorn.

Vrouwenarbeid in de negentiende eeuw

Nelly Schilstra deed in 1929 examen aan de Rijkskweekschool voor Onderwijzeressen in Apeldoorn. Een jaar later vond ze werk in Amsterdam. Ze deed er colloquium doctum en ging geschiedenis studeren aan de Gemeente Universiteit (GU). In 1936 voltooide ze haar doctoraalscriptie met een ‘sociaal’ onderwerp: vrouwenarbeid in wasserijen in Apeldoorn, waar in 1910 volgens een Enquête naar den middenstand de meeste wasserijbedrijven van Nederland waren gevestigd. Met haar bul kreeg ze de middelbare lesbevoegdheid. Schilstra gaf tot 1943 geschiedenisles aan diverse scholen in de regio. Tussen 1938 en 1941 woonde ze op kamers aan de Amsterdamse Zuider Amstellaan (nr. 238-III, nu Rooseveltlaan).

In november 1940 promoveerde Nelly Schilstra bij economisch-historicus Nico Posthumus aan de GU op een bredere studie over negentiende-eeuwse vrouwenarbeid in de Nederlandse landbouw en industrie. Haar belangrijkste bronnen waren het onderzoek naar kinderarbeid van 1871, de landbouwenquête van 1886 en de arbeidsenquêtes van 1886 en 1890. De Nationale Tentoonstelling van Vrouwenarbeid (Amsterdam 1898) ziet ze als een mijlpaal. Schilstra toont een scherp oog voor het verschil in de socialistische en feministische benadering van het vrouwenvraagstuk – van huis uit stond ze dichter bij de eerste opvatting.

De Nieuwe Apeldoornsche Courant meldde trots dat Schilstra dit proefschrift – met een handelseditie bij uitgeverij Contact – naast een voltijdsbaan had voltooid. In 1942 werd haar dissertatie door Sybrecht Clasina Roldanus, ook een promovenda van Posthumus, positief besproken in het Tijdschrift voor Geschiedenis. Verder is het boek voor zover bekend nergens gerecenseerd.

In 1943 verruilde Schilstra een tijdelijke aanstelling als lerares aan de rijks-hbs in Hoorn voor een vaste betrekking aan de rijks-hbs in Purmerend. De eerste jaren reisde ze op en neer – pas in september 1946 vond ze huisvesting aan de Herengracht in Purmerend. In 1954 liet ze een bungalow met tuin en oprijpad voor zichzelf bouwen aan de Melkweg (nr. 2A). Vanuit haar maatschappelijke betrokkenheid was ze op een bijna sociologische manier geïnteresseerd in het verschijnsel van macht en democratie. In 1956 publiceerde ze in Mens en Maatschappij een beschouwing over machtsvorming en maatschappelijke verhoudingen. Ze vraagt zich af of de democratische gezagsvorm, ontstaan ten tijde van de industrialisatie, zich blijvend zal stabiliseren naarmate de welvaart toeneemt. In 1959 publiceerde ze in het Tijdschrift voor Geschiedenis een studie naar de oorsprong van de democratie in het oude Athene.

Na haar pensionering keerde ze terug naar het ouderlijk huis De Klaproos in Apeldoorn. Hier woonde ze toen haar zuster Anneke in 1992 overleed. Op 20 november stierf Nel Schilstra in haar huis in Apeldoorn, in de ouderdom van 87 jaar.

Reputatie

Toen het vak ‘vrouwengeschiedenis’ rond 1975 ook in Nederland een hoge vlucht nam, bleek het onderzoek van Schilstra een van de weinige titels in de Nederlandse geschiedschrijving over de geschiedenis van vrouwenarbeid. Zo kreeg het boek een tweede leven. Nog altijd geldt het boek als baanbrekend. ‘Het boek van W.N. Schilstra uit 1940 is nog steeds hét standaardwerk over vrouwenarbeid in de tweede helft van de negentiende eeuw’, aldus Dorsman en Stavenuiter in 1993 (38). Ook in recentere overzichten van Nederlands sociaalhistorisch onderzoek ontbreekt haar naam zelden (Lucassen, 312). Opmerkelijk is dat Nelly Schilstra zelf niet in de publiciteit kwam toen haar proefschrift in 1976 werd herontdekt, afgezien van een interview door politicologe Joyce Outshoorn in De Groene Amsterdammer dat vooral ging over de inhoud van het boek, niet over de vrouw die het in 1940 had geschreven. Aan haar nieuwe uitgever had ze ook laten weten geen behoefte aan publiciteit te hebben. Ook van het privéleven van deze geleerde vrijgezelle geschiedenis- en aardrijkskundelerares is weinig bekend. Zelfs een persoonlijke foto is niet gevonden. De enige ‘lieu de mémoire’ is haar huis De Klaproos in Apeldoorn; haar bungalow in Purmerend is rond 1990 afgebroken.

Archivalia

  • Centraal Bureau voor Genealogie, Den Haag: collectie persoonslijsten.
  • Coda, Apeldoorn: beeldbank, bevolkingsregister 1827-1939, raadsnotulen 1916-1985.
  • Noord-Hollands Archief, Haarlem: Rijks Hogere Burgerschool (rhbs) te Purmerend.
  • Stadsarchief Amsterdam: archiefkaarten.
  • Waterlands Archief, Purmerend: krantenviewer.

Publicaties

  • Vrouwenarbeid in het wasserij-bedrijf te Apeldoorn. Een sociale studie (afstudeerscriptie Amsterdam 1936).
  • Vrouwenarbeid in landbouw en industrie in Nederland in de tweede helft der negentiende eeuw (Nijmegen 1976, oorspr. proefschrift Amsterdam 1940).
  • Politieke macht en maatschappelijke structuur, Mens en Maatschappij 31 (1956) 1-19.
  • Ontstaan en ontwikkeling van de democratische gezagsvorm in Athene, Tijdschrift voor Geschiedenis 72 (1959) 362-377.

Literatuur

  • ‘Gepromoveerd’, Nieuwe Apeldoornsche Courant (21-11-1940).
  • S.C. Regtdoorzee Greup-Roldanus, recensie n.a.v. dissertatie W.N. Schilstra, Tijdschrift voor Geschiedenis 57 (1942) 75-77.
  • Joyce Outshoorn, Het verwaarloosde vrouwenverleden, De Groene Amsterdammer, 27-10-1976 [interview].
  • Jeannette Dorsman en Monique Stavenuiter, Nooit gehuwd, maar niet alleen. Vrijgezelle vrouwen uit de arbeidende klasse in de tweede helft van de negentiende eeuw (Hilversum 1993).
  • Philippa Klein en Wilma Kliphuis, Van bouwen en wonen. Henk Wegerif, architect van de praktijk (Apeldoorn 1997).
  • Jan Lucassen, ‘Social development in the Netherlands in the nineteenth and twentieth centuries: a review of historical research since 1970’, in: Michael J. Wintle red., Modern Dutch studies (Londen 2015) 223-248.

Illustratie

Uitsnede groepsfoto rijks-hbs Purmerend, 1949 (Archief 1436, Waterlands Archief, Purmerend).

Auteur: Kees Kuiken (met dank aan dr. Aris Gaaff)

laatst gewijzigd: 13/07/2017