Telgenkamp, Maria Berendina Johanna (1934-2016)

 
English | Nederlands

TELGENKAMP, Maria Berendina Johanna, vooral bekend als Mieke Telkamp (geb. Oldenzaal 14-6-1934 – gest. Zeist 20-10-2016), zangeres. Dochter van Johannes Bernardus Telgenkamp (1890-1964), assuradeur, en Wilhelmina Antonia de Guliker (1889-1966). Mieke Telkamp trouwde (1) op 3-4-1954 in Hilversum met Gerard Herman Zuur (1927-1985), omroepmanager en hoofd amusement; (2) op 24-4-2006 in Zeist met Jan Henricus Carolus Vermeulen (1923-2014). Beide huwelijken bleven kinderloos.

Mieke Telkamp was een nakomertje in het katholieke gezin Telgenkamp. Met twee oudere zussen en twee broers groeide ze op in Oldenzaal, waar ze in navolging van haar vader ging zingen bij het koor van de St. Plechelmusbasiliek. Ook zong ze bij een plaatselijke operettevereniging en een amateur-cabaretgroep. Na een mulo-opleiding werd ze typiste, eerst bij een warenhuis en daarna bij een fabriek in signaalapparatuur in Hengelo.

Debuut

Als zangeres werd de achttienjarige Mieke Telkamp in 1952 ontdekt door orkestleider Gerard van Krevelen, die voor de AVRO op zoek was naar nieuw talent in de lichte muzieksector. In anderhalve maand brak ze door: ze maakte haar radiodebuut op 14 december 1952, haar tv-debuut op 9 januari 1953 en haar eerste grammofoonplaat op 30 januari 1953. Grif noteerden de kranten het verhaal dat het volume van haar zangstem moest worden beteugeld door een stofdoek over de microfoon te hangen. De Telegraaf beschreef haar als een ‘innemend, mooi blond provinciaaltje uit Oldenzaal’ (6-3-1954). Op advies van de platenmaatschappij schrapte ze een lettergreep uit haar achternaam; dat zou haar meer kansen bieden op de internationale markt.

Vanaf 1953 woonde Mieke Telkamp op kamers in Hilversum, om dichter bij de radio-, tv- en platenstudio’s te zijn. Daar ontmoette ze ook Gerard Zuur, een afgezwaaide varensman die werkte in het artiestenmanagement. Mieke Telkamp was de eerste artiest in zijn stal, en al snel behartigde hij ook de belangen van het populaire popduo The Blue Diamonds. Mieke Telkamp en Gerard Zuur trouwden in 1954, vlak voor Miekes twintigste verjaardag. In interviews in die tijd vertelde ze graag hoe afhankelijk ze was van haar echtgenoot. ‘Ik weet helemaal niet wat er op de giro of de bank staat of wat er binnenkomt’, zei ze in De Telegraaf (14-12-1957). Zuur regelde de financiën, gaf haar huishoudgeld en ‘een klein kleedgeld’ en ging mee op haar tournees.

Aanvankelijk zong Mieke Telkamp vooral Engels repertoire – ze werd aangeprezen als de Nederlandse Vera Lynn. Maar na enkele jaren koos ze steeds meer voor het Duitstalige repertoire omdat ze ook in Duitsland een groot publiek trok. Telkamp behoorde tot de eerste naoorlogse Nederlandse artiesten die weer Duits gingen zingen. Haar Duitse platen waren ook in Nederland een succes, maar mede vanwege haar activiteiten in Duitsland raakte ze in eigen land enigszins buiten beeld. Bovendien wilde ze het – na tien jaar hard werken en uit de koffer leven –  langzamerhand ook iets rustiger aan doen, zei ze in het Algemeen Handelsblad: ‘Ik ben geen streber. En ik kan heel goed buiten schmink en applaus’ (14-12-1962). In de loop van de jaren zestig kondigde Telkamp geregeld aan te zullen stoppen met zingen, maar telkens liet ze zich overhalen om toch nog op te treden op een feestavond of in een tv-programma. Haar echtgenoot bracht intussen een vast inkomen binnen; hij werd in 1963 bij de AVRO benoemd tot hoofd filmzaken en in 1965 tot hoofd amusement.

Waarheen, waarvoor…

De grootste wending in de carrière van Mieke Telkamp kwam in 1971. Platenmaatschappij Bovema vroeg haar of ze een Nederlandse bewerking wilde zingen van de achttiende-eeuwse Engelse hymne ‘Amazing grace’. Ze was niet de eerste keus, maar andere zangeressen hadden geen interesse in ‘Waarheen, waarvoor...’ Op haar 37ste werd Telkamp weliswaar te oud geacht om nog tot de Top-40 door te dringen, maar de platenmaatschappij besefte dat haar krachtige stemgeluid uitstekend bij het nummer paste. Binnen enkele weken stond ze alsnog in die Top-40, om daar bijna een half jaar (24 weken) te blijven staan.

‘Waarheen, waarvoor…’ werd het grootste kassucces uit de carrière van Mieke Telkamp en bovendien het meest gedraaide lied op begrafenissen en crematies. Jarenlang procedeerde tekstschrijver Karel Hille vergeefs tegen het auteursrechtenbureau Buma/Stemra dat ‘om redenen van piëteit’ geen rechten in rekening brengt voor het draaien van muziek op begrafenissen. Telkamp hield zich buiten deze kwestie en toonde zich vooral vereerd door het feit dat ze blijkbaar bij velen zo’n gevoelige snaar had geraakt. Het nummer leverde haar bovendien haar eerste – en laatste – gouden plaat op, voor de verkoop van meer dan honderdduizend exemplaren.

Het grote succes van ‘Waarheen, waarvoor...’ bracht Mieke Telkamp terug in de publiciteit en leidde zelfs tot een tweede carrière. In de jaren zeventig en begin jaren tachtig schreef ze een wekelijkse problemenrubriek in het roddelblad Weekend en voorts was ze, naast Jos Brink, vast panellid in AVRO’s Wie-kentkwis. Daarnaast presenteerde ze een verzoekplatenprogramma voor de TROS-radio.

In 1984 maakte Gerard Zuur gebruik van een VUT-regeling bij de omroep, waarna Mieke Telkamp haar definitieve afscheid van radio, televisie en de podia aankondigde. Zuur stierf al een jaar later en daarna verscheen Telkamp nog maar zelden in het openbaar. In alle stilte trouwde ze later met Jan Vermeulen; ook hem overleefde zij. Op 20 oktober 2016 overleed Mieke Telkamp in haar woonplaats Zeist.

‘Koningin van de uitvaart’

Mieke Telkamp, die haar leven lang gelovig was gebleven, werd vanwege de bijna sacrale status van haar ‘Waarheen, waarvoor...’ wel ‘de koningin van de uitvaart’ genoemd. Daardoor werd haar eerdere succes als zangeres van het lichte repertoire in de jaren vijftig en zestig goeddeels overschaduwd. Op haar eigen uitvaart (in besloten kring) werd haar megahit niet gedraaid. Wel klonk op haar verzoek het thema uit de slotscene van Once Upon a Time in the West, dat ook bij de begrafenis van haar tweede echtgenoot was gedraaid. Mieke Telkamp was Ridder in de Orde van Oranje Nassau. ‘Dat heb ik toch maar met al dat gedoe bereikt’, zei ze er zelf over (Persbericht ANP).

Literatuur

  • De Telegraaf, 6-3-1954; 14-12-1957.
  • Algemeen Handelsblad, 14-12-1962.
  • Algemeen Dagblad, 21-10-2016.

Illustratie

Mieke Telkamp. Anefo, ca. 1962 (Nationaal Archief, Den Haag).

Auteur: Henk van Gelder

laatst gewijzigd: 01/07/2017