Terwindt, Beatrice Wilhelmina Marie Albertina (1911-1987)

 
English | Nederlands

TERWINDT, Beatrice Wilhelmina Marie Albertina (geb. Arnhem 27-2-1911 – gest. Oegstgeest 7-4-1987), stewardess, geheim agente. Dochter van Constant Hendricus Arnoldus Terwindt (1868-1949), steenfabrikant, en Albertina Henrica Leonia Maria de Muelenaere (1868-1942). Trix Terwindt had een langdurige relatie met (1) Johannes Bernardus Scholte (1899-1968), piloot; (2) Kornelis Gabriël Bal (1918-1979), assuradeur. Beide relaties bleven kinderloos.

Beatrice (Trix) Terwindt groeide op als jongste van zeven kinderen in een welgesteld en streng katholiek milieu. Vader Terwindt was een vooraanstaand steenfabrikant en haar Franstalige moeder kwam uit een adellijke Belgische familie. In haar herinnering zag de jonge Trix haar ouders weinig en zat ze meestal met de kinderjuffrouw in de kinderkamer van het herenhuis aan de Arnhemse Sonsbeekweg. Haar oudere broers en zussen zaten op kostschool. Zelf doorliep ze het Arnhemse externaat van Sacré-Coeur, waar ze haar mulo-diploma behaalde. Daarna volgde ze opleidingen voor lo-tekenen, interieurontwerpen en particulier secretaresse, al had ze zelf liever een kunstopleiding gedaan.

In 1935 ging Trix Terwindt werken voor een galerie in Maastricht. Omdat ze hier niet van rond kon komen, besloot ze na een tip van een vriendin bij de KLM te solliciteren, waar ze stewardessen zochten. Begin 1937 werd ze aangenomen en daarmee behoorde ze tot de eerste generatie van luchtgastvrouwen (de allereerste Nederlandse stewardess was Hilda Bongertman). Later kon ze haar keuze voor het nieuwe beroep ook niet goed verklaren. 'Vermoedelijk omdat je uiteindelijk daar terechtkomt waar je moet zijn' (gecit. Luchtmeisjes, 45). Met vijf collega-stewardessen betrok Trix een oude molen in de buurt van Aalsmeer, waar ze tussen alle Europese vluchten door een gelukkige tijd beleefde. Eind augustus 1939 vloog Terwindt mee op de laatste KLM-vlucht naar Duitsland voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog.

Met de Duitse bezetting was de KLM lamgelegd en kreeg Trix Terwindt wachtgeld. Ze verhuisde naar een leegstaande schuur in Kudelstaart bij Schiphol, waar ze nog veel contact had met KLM-collega's. Via hen kwam ze in de zomer van 1941 in aanraking met het verzet en ze besloot te helpen met een ontsnappingsroute voor Britse piloten. Later zei ze hierover: 'Als je de wereld zou willen veranderen, zou men je toeroepen: Begin bij jezelf. En terecht' (gecit. Luchtmeisjes, 125). Maart 1942 kreeg ze de opdracht een jonge KMA-cadet naar Zwitserland te brengen. Daar aangekomen werd ze als illegaal opgesloten maar ze kwam weg met hulp van het Nederlandse consulaat. Na een lange reis via Frankrijk, Spanje en Portugal wist zij op 26 augustus 1942 Engeland te bereiken. Voor deze operatie werd ze door koningin Wilhelmina onderscheiden met het Kruis van Verdienste.

Op verzoek van de Britse Militaire Inlichtingendienst MI-9 kreeg Terwindt onder codenaam Beatrice Thompson een training voor geheim agent. Ze werd toegevoegd aan de speciale eenheid First Aid Nursing Yeomanry met het doel Britse piloten terug te halen uit bezet gebied. Terwindt (schuilnaam Felix) kreeg opdracht om vanuit Nederland een geheel nieuwe vluchtroute op te zetten. In de nacht van 13 februari 1943 werd ze per parachute bij Steenwijk gedropt. Op de grond viel agente Felix meteen in handen van de Sicherheitsdienst (SD), die op de hoogte was van de missie. Na een driedaags verhoor, waarin ze niets losliet, werd ze overgebracht naar het Brabantse Haaren. Ze kwam terecht in het Groot-Seminarie, waar ook de meeste andere geheim agenten vastzaten die in het kader van het Englandspiel waren opgepakt. In Haaren kregen de gevangenen een goede behandeling, maar na beëindiging van het Englandspiel kwam Terwindt in het Nacht und Nebel-blok (terugkeer niet gewenst) van vrouwenconcentratiekamp Ravensbrück. Ernstig verzwakt ging ze in februari 1945 op transport naar het Oostenrijkse concentratiekamp Mauthausen. Van de 59 gevangengenomen agenten van het Englandspiel overleefden 5 de oorlog, onder wie Trix Terwindt. Na de bevrijding van Mauthausen bracht het Rode Kruis haar naar het Zwitserse Sankt Gallen, waar ze pas na zes weken weer even kon staan. Helemaal de oude zou ze nooit meer worden.

Na de oorlog keerde Terwindt terug bij de KLM als gevierd hoofdstewardess, onderscheiden met onder meer het Bronzen Kruis en de Medal of Freedom, die ze altijd op haar uniform droeg. In 1950 stopte Terwindt bij de KLM vanwege gezondheidsklachten. Ze schreef haar luchtvaartmemoires en vertrok in 1951 naar Canada om een kippenboerderij te beginnen. Dit liep uit op een mislukking. Daarop besloot ze te gaan reizen en ontmoette ze in Israël oud-KLM-piloot/ NSB-lid John Scholte, die ze haar grote liefde noemde. Samen verhuisden ze in 1953 naar Mallorca, waar ze elkaar in 1955 het jawoord gaven. Geen wettelijke verbintenis overigens, omdat Scholtes vrouw weigerde van hem te scheiden. Vanwege haar sterk verslechterde gezondheid keerde Terwindt eind 1963 terug naar Nederland. Op de plotselinge dood van John Scholte in 1968 volgde een volledige instorting. Ze liet zich opnemen in de Jelgersmakliniek in Oegstgeest, en onder behandeling stellen van psychiater Jan Bastiaans, specialist in het KZ-syndroom en omstreden vanwege onorthodoxe behandelingen met lsd. Hier ontmoette ze haar tweede partner Kees Bal, die in 1979 onverwacht overleed.

Tot haar dood in 1987 bleef Trix Terwindt opkomen voor kampslachtoffers en Bastiaans’ methodes, die steeds meer onder vuur waren komen te liggen. Kenmerkend was haar felle ingezonden brief toen Gerrit Komrij in 1982 in een NRC-column het KZ-syndroom een verzinsel noemde: 'Toen het jongetje Komrij werd geboren, zat ik alleen in een cel met dichtgemetseld raam (...) aan mijn KZ-syndroom te breien' (gecit. Luchtmeisjes, 288). Er zijn Trix Terwindtstraten in diverse steden van Nederland.

Publicatie

Een vrouw vloog mee (Amsterdam 1951).

Literatuur

  • Jelte Rep, Englandspiel. Spionagetragedie in bezet Nederland 1942-1944 (Bussum 1977).
  • Ingrid van der Chijs, Luchtmeisjes. Verzet en collaboratie van twee stewardessen (Amsterdam 2012).
  • Anja Sligter, 'Vrijbuiter in het oog van vele orkanen', de Volkskrant, 9-9-2008.

Illustratie

Portret, door onbekende fotograaf, ongedateerd (Beeldbank WO2 - NIOD).

Auteur: Norbert-Jan Nuij

Biografienummer in 1001 Vrouwen: 929

laatst gewijzigd: 20/07/2016