Verhagen, Henrica Johanna Adriana (1919-1984)

 
English | Nederlands

VERHAGEN, Henrica Johanna Adriana (geb. Oudewater 18-10-1919 – gest. Utrecht 11-5-1984), eerste vrouwelijke hoofdinspecteur voor de Geestelijke Volksgezondheidszorg. Dochter van Cornelis Henricus Verhagen (1889-1966), bankdirecteur, en Bastiana Cladder (1893-1966). Henny Verhagen bleef ongehuwd.

Henrica (Henny) Verhagen was de oudste van vier kinderen – een ervan stierf jong – en de enige dochter in een Nederlands-hervormd en bemiddeld gezin in Oudewater. Haar vader was als directeur van de Oudewaterse Bank een gerespecteerd lid van de gemeente en het gezin had een inwonende dienstbode en een kinderjuffrouw. Vanaf het begin van de jaren dertig ging Henny naar de hbs in Utrecht, waar ze vermoedelijk inwoonde bij een familielid. In diezelfde stad studeerde ze geneeskunde. In 1946 haalde Henny Verhagen haar artsexamen; als vervolgopleiding koos ze voor psychiatrie-neurologie. Vanaf 1949 werkte ze bij het Maatschappelijk Ondersteuningsbureau (MOB) in Utrecht. In datzelfde jaar belandde haar vader wegens fraude in de gevangenis.

De Salon

In 1952 vestigde Henny Verhagen zich als zenuwarts in Arnhem, waar ze opnieuw voor het MOB werkte. Twee jaar later werd zij hoofd van de afdeling Geestelijke Volksgezondheid van de GG en GD in Utrecht. Ze trok opnieuw in bij haar ouders, die inmiddels in Utrecht woonden – haar vader was net terug uit de gevangenis. In haar vrije tijd werkte ze aan een proefschrift bij prof. dr. W.H. Sillevis Smitt, neuroloog. Daarnaast was ze actief in de Vereniging van Nederlandse Vrouwelijke Artsen (VNVA), waarvan ze in de jaren 1962-1965 landelijk voorzitster was. Op 14 mei 1968 promoveerde Henny Verhagen aan de Universiteit Utrecht op een proefschrift over dyslexie en dyscalculie. Na onderzoek bij 32 leerlingen aan een lom-school concludeerde zij dat er geen eenduidige medische oorzaken waren aan te wijzen voor deze problematiek. Verhagen pleitte voor meer aandacht voor de voorgeschiedenis van de kinderen; ze veronderstelde dat er vaak leermoeilijkheden in de familie voorkwamen.

Henny Verhagen was ook maatschappelijk zeer actief. Ze had als vertegenwoordigster van de VNVA zitting in de Nederlandse Vrouwenraad en was nationaal secretaris voor Nederland van de Medical Women’s International Association (MWIA). Hierop aansluitend was zij van 1976 tot 1978 vicevoorzitster van de MWIA voor de regio Noord-Europa. Tevens was zij voorzitster van de delegatie van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie bij de World Psychiatric Association. Jarenlang organiseerde ze bijeenkomsten en diners bij haar thuis, de Salon genaamd, waar VNVA-leden ontwikkelingen binnen de gezondheidszorg bespraken. Ook was zij enige tijd bestuurslid van de Nederlandse Vereniging van Neurologie en Psychiatrie. Voorts was ze lid van de Soroptimist Club en erelid van de VNVA en van de Nederlandse Vereniging voor Psychotherapie. Van het Nederlands Bijbelgenootschap was zij lid van verdienste.

Vrouwenhulpverlening

In 1976 werd Henny Verhagen de eerste vrouwelijke geneeskundige hoofdinspecteur van de Geestelijke Volksgezondheidszorg bij het departement van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur. Vanuit deze functie ijverde zij voor specifieke zorg voor vrouwen. Ze schreef de nota Vrouwen in de Ambulante Geestelijke Gezondheidszorg (1982), ook wel Nota Verhagen genoemd, de opmaat voor autonome vrouwenhulpverlening. Verhagen bepleit hierin een integrale visie op vrouwenhulpverlening en -gezondheidszorg, zaken die tot die tijd niet bestonden omdat er geen oog was voor seksespecifieke aspecten van de hulp en zorg. Een concreet resultaat was in 1983 de instelling van de landelijke Projectgroep Vrouwenhulpverlening, met Verhagen als eerste voorzitster. De projectgroep moest plannen ontwikkelen voor de integratie van vrouwenhulpverlening in de gezondheidszorg.

Lang heeft Verhagen zich niet voor de projectgroep kunnen inzetten, want ze was toen al ernstig ziek en wist dat zij niet lang meer te leven had. In februari 1984 opende zij nog het Vrouwengezondheidscentrum Aletta in Utrecht. Henny Verhagen overleed enkele maanden later, op 11 mei 1984, in de ouderdom van 65 jaar. Ze werd bijgezet in het familiegraf van haar ouders op begraafplaats Hilversum Zuiderhof.

Betekenis

Henny Verhagen werd tweemaal gedecoreerd, als Officier in de Orde van Oranje-Nassau (1977) en als Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw (1983). In 1986 werd het Henny Verhagen Fonds opgericht, ter bevordering van onderzoek naar en uitvoering van vrouwengezondheidszorg. Vanaf 1992 reikte de Stichting Vrouwengezondheidszorg om de vier jaar de Henny Verhagen Prijs uit aan een persoon of instantie die zich op dit terrein verdienstelijk had gemaakt. Drie jaar later financierde de stichting een bijzondere leerstoel Vrouwengezondheidszorg aan de Universiteit van Leiden, vanaf 2000 een reguliere leerstoel Cultuur, Gezondheid en Ziekte. In 2006/2007 werden fonds en stichting samengevoegd in de Henny Verhagen Stichting. Het in 1992 naar haar genoemde Henny Verhagen Centrum voor Vrouwenhulpverlening is in 2007 ondergebracht in GGZ-centrum Velserpoort.

Publicaties

  • Dyslexie en dyscalculie. Een onderzoek van kinderen, die een school voor leer- en opvoedingsmoeilijkheden bezoeken (Utrecht 1968) [dissertatie].
  • [met Elsa Pereira d’Oliveira, Corrie van Gastel-Hermann e.a.],‘Honderd jaar vrouwelijke artsen in Nederland’, Medisch contact 33 (1978) 607-612, 645-647 en 667-701.
  • Diskussienota van de Werkgroep Psychotherapie (Commissie Verhagen 1) (Den Haag 1978).
  • Overzicht gegevens psychiatrische instellingen in Nederland, 1978 (Den Haag 1980).
  • Advies inzake een beleid voor psychotherapie. Werkgroep Psychotherapie (Commissie Verhagen 1) (Den Haag 1981).
  • Advies inzake een beleid voor psychotherapie. Eindrapport van de Werkgroep Psychotherapie (Commissie Verhagen 1) (Den Haag 1981).
  • Vrouwenhulpverlening en ambulante geestelijke gezondheidszorg. Rapport van de Commissie Vrouwenhulpverlening (Nota Verhagen) (Leidschendam 1982).
  • Verslag over het jaar 1980 van de Geneeskundige (Hoofd-)inspectie voor de Geestelijke Volksgezondheid, Staatstoezicht op de Volksgezondheid (Den Haag 1982).
  • Staatstoezicht op de volksgezondheid. Jaarverslag 1981 van de Geneeskundige (Hoofd-)inspectie voor de Geestelijke Gezondheidszorg (Den Haag 1983).

Literatuur

  • ‘Henny Verhagen Krant’, VNVA-krant (juni 1983).
  • Veronica van Nederveen, ‘In memoriam’, Opzij (juli-augustus 1984) 42.
  • ‘Henny Verhagen Fonds’, VNVA-krant (juni 1987) 23-26.
  • Henriëtte Lakmaker, ‘Henny Verhagen (1919-1984). De juiste vrouw op de juiste plaats’, Vrouw & Gezondheidszorg 3 (1994) nr. 5, 12-13.
  • Janneke van Mens-Verhulst en Berteke Waaldijk red., Vrouwenhulpverlening 1975-2000. Beweging in en rond de gezondheidszorg (Houten 2008).
  • Petra Jorissen en Ineke Jungschleger, ‘Seksespecifiek is een duidelijk woord voor wat wij doen’, Deviant. Tijdschrift tussen Psychiatrie en Maatschappij (2008) nr. 59, 22-24.
  • Katja van Vliet red., LustrumMagazine Henny Verhagen Stichting (2011).

Illustratie

in bestelling

Auteur: Ingrid van der Vlis

laatst gewijzigd: 22/11/2017