Vries, Clara de (1915-1942)

 
English | Nederlands

VRIES, Clara de (geb. Schoonhoven 31-12-1915 – gest. Auschwitz, Polen 22-10-1942), jazztrompettiste en bandleider. Dochter van Arend de Vries (1882-1942), textielhandelaar en amateurtrompettist, en Betje Bollegraaf (1878-1942). Clara de Vries trouwde op 20-5-1936 in Rotterdam met Willy Schobbe (1915-2009), trompettist. Dit huwelijk bleef kinderloos.

Clara de Vries werd op oudejaarsdag 1915 geboren als vierde kind in een bijzonder muzikale familie. Haar vader Arend was amateurtrompettist, gaf muzieklessen en had de leiding over het harmoniecorps van Rhoon. Clara moet van jongs af aan omringd zijn geweest door trompetklanken, want ook haar oudste broer, de tien jaar oudere Louis, speelde trompet. Jazz was in die tijd de nieuwste rage, net overgewaaid uit de Verenigde Staten, waar de eerste opnamen van jazzmuziek in 1917 verschenen waren. Louis had op jonge leeftijd al zoveel succes met zijn trompet dat hij internationaal bekend stond als ‘the Dutch Armstrong’ – een verwijzing naar Louis Armstrong, een van de meest succesvolle Amerikaanse jazzmusici en hét rolmodel voor iedere trompettist. Zijn succes was waarschijnlijk nog veel groter geworden als hij niet in 1935 bij een auto-ongeluk om het leven was gekomen. Voordien had de kleine Clara van haar grote broer trompetles gehad, en blijkbaar maakte zij snelle vorderingen, want al op zestienjarige leeftijd werd ze geëngageerd door de Rus Leo Selinsky, die met zijn damesorkest Blue Jazz Ladies door Europa reisde.

Dames-jazzorkest

Na een tournee met Selinsky sloot Clara zich aan bij de Schirmann Jazz Girls, waarmee ze in Spanje, Zwitserland en Duitsland optrad. Alexander Schirmann, de leider van de band, moet zijn handen vol gehad hebben aan de jeugdige jazzgirls; het verhaal gaat dat Clara en haar hartsvriendin Annie van ’t Zelfde zo’n heimwee hadden dat ze vanuit Zwitserland stiekem de nachttrein terug naar Nederland namen. Hij reisde hen in allerijl achterna en haalde hen over om mee terug te gaan. Damesorkesten waren in die tijd een niet ongebruikelijk fenomeen, maar een dames-jazzorkest was een echte noviteit, zeker in Europa. Veruit de meeste damesorkesten legden zich toe op een repertoire van Weense walsen, foxtrots en tango’s. In de Verenigde Staten waren al wel enkele succesvolle dames-jazzorkesten. Eén daarvan, Babe Egan and her Hollywood Redheads, was in 1929 zelfs een jaar lang op tournee in Europa. Of Clara deze band ook gehoord heeft is niet bekend, maar haar vriendin Annie van ’t Zelfde was zo onder de indruk van het optreden van de Redheads in Rotterdam dat ze besloot om saxofoon te gaan spelen. Door jazzliefhebbers werden de damesorkesten niet echt serieus genomen. Het belangrijkste Nederlandse jazztijdschrift, De Jazzwereld, schreef in februari 1934 over het orkest van Schirmann: ‘Een damesorkest; Wiener Mädel en wat al niet meer […]. De ervaring heeft ons geleerd tegenover dit soort orkesten een enigzins sceptische houding aan te nemen. Gewoonlijk is de lieftalligheid der dames van meer gewicht dan de muzikale prestaties’. Diezelfde avond raakte de scribent echter danig onder de indruk van Clara, ‘die ons een hot-solo geeft, waarvan we allen verstomd staan. Volkomen zuiver en virtuoos van improvisatie, geeft dit meisje een staaltje van haar kunnen op een manier die ons aller bewondering afdwingt’.

Kort daarna besloot Clara de Vries dat de tijd rijp was om voor zichzelf te beginnen. Op 1 augustus 1935 debuteerde zij in Den Haag met haar eigen orkest, Clara de Vries and her Jazz-ladies. Het initiatief werd met enthousiasme begroet, en de concerten welwillend gerecenseerd, zij het niet zonder enige neerbuigendheid: ‘Het debuut van Clara de Vries en haar eigen band is alleszins gunstig geweest. Niet alleen is het uiterlijk prettig om te aanschouwen, maar er wordt tevens goed gemusiceerd’. Enkele maanden later nam Clara plaats in de succesvolle band de ‘Internationals’, het orkest van haar andere broer, bassist en trombonist Jack. Ditmaal leek men haar serieuzer te nemen: ‘Deze toevoeging van het vrouwelijk element is niet om der wille van de sensatie geschied doch om zuiver artistieke redenen. Clara is thans één der twee of drie beste danstrompettisten van ons land. Vooral technisch is zij enorm […]. Haar toon is magnifiek’. Dat Clara werkelijk een uitzonderlijk trompettiste moet zijn geweest, blijkt eens te meer uit een opmerking die de grote Louis Armstrong na een bezoek aan Nederland maakte: ‘That Louis De Vries, he had a sister Clara with a ladies-band. Oh boy, she could play that horn!’

Huwelijk en oorlog

Op 20 mei 1936 trouwde Clara de Vries met de Limburgse Willy Schobbe(n), eveneens trompettist maar op dat moment nog lang niet zo succesvol als zijn echtgenote. Het huwelijk leidde er bepaald niet toe dat Clara terugtrad van het podium. In de volgende jaren speelde ze met grote regelmaat door heel Nederland, zowel als bandleider als in diverse bestaande (al dan niet dames-)orkesten. Na het begin van de Duitse bezetting werd het voor de joodse Clara echter steeds moeilijker om te spelen. Aanvankelijk trad ze nog veel op, vooral in de provincie Groningen, met een orkest genaamd de Plus Fours. Al snel werd joodse musici echter het artiestenbestaan min of meer onmogelijk gemaakt. Op 9 februari 1941 speelde Clara nog in Amsterdam in het café-cabaret Alcazar op het Thorbeckeplein, dat net buiten de joodse buurt lag. Op die avond drongen NSBers, bijgestaan door Duitse militairen, het café binnen omdat er nog joodse artiesten optraden. Er ontstond een grote vechtpartij waarbij 23 mensen gewond raakten. De NSBer Hendrik Koot overleed korte tijd later aan zijn verwondingen (hierop volgden de razzia’s die leidden tot de Februaristaking). In augustus 1942 speelde Clara nog in het Amstel Cabaret in de joodse wijk, maar de situatie verslechterde snel. Clara wilde van onderduiken niet weten en lijkt zich bij haar lot te hebben neergelegd. Op 1 september 1942 schreef ze in een afscheidsbrief aan Annie van ’t Zelfde: ‘uitstel heb ik niet meer gekregen, ze komen je nu gewoon van je bed af […] halen. Ik ben er geheel op voorbereid en op geprepareerd. Annie, als ik je soms niet meer mocht zien, vaarwel en leef gelukkig’. Op 15 oktober 1942 werd Clara samen met haar ouders weggevoerd naar kamp Westerbork. Vier dagen later werden ze gedeporteerd naar Auschwitz, waar ze op 22 oktober aankwamen en nog dezelfde dag werden vermoord. In betere tijden werd zij aangekondigd als ‘bekend van radio en grammofoonplaat’, maar van het trompetspel van Clara de Vries zijn voor zover bekend geen opnames bewaard gebleven. In Rotterdam is een straat naar haar genoemd.

Naslagwerken

Joods Monument.

Archivalia

Nederlands Jazzarchief (Muziek Informatie Centrum), Amsterdam: knipselmap Louis de Vries, incl. Jack en Clara de Vries.

Literatuur

  • ‘Nieuws van en over de bands’, Jazzwereld (februari 1934) 17; (augustus 1935) 18-20.
  • Bob Schrijver, ‘Clara de Vries and her Jazzladies’, Jazzwereld (september 1935) 17.
  • ‘Twee trompettisten vonden elkaar; Clara de Vries trouwt op 20 mei a.s.’, Jazzwereld (mei 1936) 13.
  • H. Langeweg, ‘Clara de Vries’, Doctor Jazz Magazine (april 1975) 25-29.
  • R.E. Lotz e.a., ‘Dames-jazzorkesten: nu uit de tijd – eens aantrekkelijk amusement’, Doctor Jazz Magazine (oktober 1975) 25-29.
  • H. Langeweg, ‘Jazz in Rotterdam voor 1940: deel 6’, Doctor Jazz Magazine (juni 1978) 16-19.
  • H. Langeweg, ‘Jazz in Rotterdam voor 1940: deel 7’, Doctor Jazz Magazine (maart 1979) 5-6.
  • Netty ten Hoorn (samenstelling en regie), Sweet & hot music: Nederlandse damesorkesten uit de jaren ’30 (TV-documentaire NOS 1989).
  • Arie van Breda, ‘100 jaar’ Jazz in Den Haag, het New Orleans van de Lage Landen (Den Haag 2000).
  • Aldert Toornstra, ‘De opkomst van de moderne dans- en jazzmuziek in het noorden van het land’, NJA Bulletin (2001) nr. 41, 36-46.
  • Hans Koert, ‘Hollandse damesorkesten: blue jazzladies’, op: keep (it) swinging (blog).
  • Hans Koert, ‘Hollandse damesorkesten met Clara de Vries en Annie van ’t Zelfde’, op: keep (it) swinging (blog).

  • Illustratie

    Portret, door onbekende fotograaf, ongedateerd (Collectie Ronald Vonk).

    Auteur: Chiel Zwinkels

Biografienummer in 1001 Vrouwen: 954

laatst gewijzigd: 16/07/2015