Nederlands-Indonesische betrekkingen 1950-1963

 
English | Nederlands

Gegevens van record 1878

Nummer 1878
Datum 14-3-1951
Soort codetelegram(men)
Kenmerk Lamping 806
Opschrift/Bijlage(n)
Verzender(s) Lamping, A.Th. (info)
Ontvanger(s) Maarseveen, J.H. van (info)
Plaats van opmaak Djakarta
Plaats van bestemming Den Haag
Bewaarplaats Nationaal Archief
Bestand archief Minkol., codetel. 1951
Dossiernummer 1
Trefwoorden Irian-(strijd)corpsen van Indonesiƫ/ Badan Perdjuangan Irian; Gerakan Tjenderawasi Irian Barat/Nat. Front ter bevrijding van Irian; West-Irian Pioneers Corps e.a.; zie ook Bureau West-Irian
Nederlandse commissariaten/consulaten in Indonesiƫ
NG, positie/houding Papoea's op -
staatsburgerschaps-/warga negaraschapskwesties
subversie/spionnage/sabotage/corruptie
toelatings-/asiel-/uitwijzingsbeleid op NG
toelatings-/uitwijzingsbeleid/reisdocumenten, Indonesiƫ
Annotatie slotnoot:
Op 12 juni dat jaar seinde Van Waardenburg onder no 64 aan Den Haag, met afschrift aan Lamping: 'De waarnemend directeur BB en Justitie, de officier van Justitie en ik zijn van mening, dat onder de huidige omstandigheden de terugkeer van de gewezen leden van het zogenaamde Papoeabataljon APRI bepaald ongewenst is te achten en ten aanzien van de bewaring van orde en rust hier te lande bedenkelijke gevolgen kan hebben, zo lang geen beslissing is gevallen inzake de statuskwestie. Het is immers waarschijnlijk, dat lang niet alle Papoea's van genoemd bataljon als werkelijk "bekeerden" kunnen worden beschouwd en dus doelbewust zullen trachten stemming te maken tegen het wettig gezag. Hun terugkeer naar de moeilijk bereikbare en verspreid liggende dorpen zal in elk geval de nodige beroering veroorzaken, omdat men hen in deze primitieve samenleving zal beschouwen als met een bijzondere macht bekleed, zodat zij uit dien hoofde invloed ten kwade kunnen uitoefenen. Wegens de moeilijke verbindingen en het onvoldoende geoutilleerd recherche-apparaat kan de overheid hiertegenover weinig positiefs stellen. Ik zou het derhalve toejuichen indien aan deze Papoea's de terugkeer naar Nieuw-Guinea voorlopig zou kunnen worden belet op formele gronden. Hier te lande worden van een dergelijke weigering tot terugkeer geen noemenswaardige nadelige repercussies verwacht. Volledigheidshalve moge ik hierbij aantekenen, dat Nicolaas Jouwe destijds te Djakarta op vele van deze Papoea's invloed uitoefende om terug te keren naar Nieuw-Guinea, evenwel zonder resultaat.' NA, archief Minkol., codetel. 1951, 15.
Zie ook
PDF afbeelding (217 KB)