Leystingh, Aleijd (?-na 1535)

 
English | Nederlands

LEYSTINGH, Aleijd, ook bekend als Aaltje Listincx (geb. Amsterdam ? – gest. na 1535), aanhangster van de wederdopers. Dochter van Pieter Leystingh? Zij trouwde (1) met N.N. (Leystingh?); (2) in 1534 in Münster met Peter Simonsz. (gest. 1535?). Kinderen uit deze huwelijken zijn niet bekend.

Aleijd Leystingh was een vermogende vrouw uit Amsterdam die haar man verliet om zich aan te sluiten bij de wederdopers in Münster en daar werd gedwongen tot een tweede huwelijk, met het gevolg dat zij in bigamie leefde. Om deze reden heeft zij een eigen lemma in deel 1 van het Vaderlandsch woordenboek (1785) van Jacobus Kok. Volgens Kok was Leystingh de naam van haar echtgenoot, een rijke burger van Amsterdam. Zij verliet hem ‘op listige wijze’ en ging naar Münster, waar zij na verloop van tijd tot een zogenaamd tweede huwelijk werd gedwongen met een Fries, ‘latend haar eerste man haar dwaasheid betreuren’. Kok baseert zich op de Historie der Reformatie van Gerard Brandt, die dit verhaal vertelt in een passage over de polygamie die in 1534 door ‘koning’ Jan van Leiden werd ingevoerd in de stad Münster, op dat moment in handen van de wederdopers. Zij vergat haar vaderland, aldus Brandt, maar onthield zich wel van omgang met andere mannen. Vanwege de ingevoerde polygamie hadden de meeste mannen vier tot zes vrouwen, maar Aleijd Leysting werd aanvankelijk met rust gelaten omdat zij voorwendde onvruchtbaar te zijn. Toen allengs de schaamte en de eerbaarheid met voeten werden getreden, aldus nog steeds Brandt, dwong men haar te trouwen met een Fries. Brandt noemt zijn naam niet.

Het verhaal van Aleijd Leystingh kende Brandt hoogstwaarschijnlijk uit het gezaghebbende overzicht van de doperse ‘oproeren’, Tumultuum anabaptistarum (1548) van Lambertus Hortensius, dat in 1614 voor het eerst ook in het Nederlands verscheen en vele malen is herdrukt. Hortensius geeft het verhaal met dezelfde details, maar vermeldt tevens de naam van de Fries met wie ze gedwongen werd te trouwen, te weten Peter Symonsz. Bekend is dat deze Peter Symonsz. op dat moment hofmeester was van Divara, de ‘koningin’ van het Münsterse koninkrijk der wederdopers. Er is wel gesuggereerd dat hij de broer was van Menno Simons die in april 1535 omkwam in de strijd om het Oldeklooster in Friesland (Zijlstra, 120).

In de latere geschiedschrijving over de wederdopers worden Aleijd Leystingh en Aefgen Listincx meestal beschouwd als een en dezelfde vrouw. Alleen de kerkhistoricus K. Vos suggereert dat het zussen waren. Het is onduidelijk hoe het Aleyd Leystingh is vergaan nadat er in 1535 met geweld een einde was gemaakt aan het doperse koninkrijk. Mocht zij inderdaad dezelfde zijn geweest als Aefgen: deze werd in 1538 in Brugge ter dood veroordeeld, wegens ketterij.

Naslagwerken

Kok.

Literatuur

  • Lambertus Hortensius, Tumultum anabaptistarum (Bazel 1548) 43 [voor de vertaling is gebruik gemaakt van de druk van 1661: Oproeren der Wederdoperen, geschiet tot Amsterdam, Munster en in Groeningerlandt (Amsterdam 1661) 85-86].
  • Gerard Brandt, Historie der Reformatie, 1 (Amsterdam 1671) 114.
  • K. Vos, ‘Kleine bijdragen over de doopersche beweging in Nederland tot het optreden van Menno Simons’, Doopsgezinde Bijdragen 54 (1917) 116-117.

Redactie

Biografienummer in 1001 Vrouwen: 85

laatst gewijzigd: 13/01/2014

De datum onder dit biografisch lemma geeft aan wanneer er voor het laatst aanvullingen en/of correcties in het stuk zijn doorgevoerd. Met ingang van 2023 is het project afgesloten.