Luykx, Maria Magdalena Antonia (1904-1996)

 
English | Nederlands

LUYKX, Maria Magdalena Antonia, vooral bekend onder haar kloosternaam Marie de la Rédemption (geb. Hilversum 18-6-1904 – gest. Vught 16-4-1996), kanunnikes, eerste directrice Talenpracticum Regina Coeli. Dochter van Jan Barend Luykx (1877-1950), notaris, en Alida Elisabeth Maria Brouwer (1877-1949). Maria Luykx bleef ongehuwd.

Maria Luykx groeide op aan de Emmastraat in Hilversum als oudste van negen kinderen in een katholiek notarisgezin – van hen zouden er later vier voor het kloosterleven kiezen, onder wie Maria. Na haar eindexamen mulo-b en een vakantie in Engeland ging Maria in september 1919, vijftien jaar oud, naar de Franse kostschool van de ‘nonnen in Vught’. De van huis uit Franse Congregatie der Kanunnikessen van de H. Augustinus, gericht op onderwijs in de wereld, had daar in 1903 het klooster Regina Coeli (‘koningin der hemel’) gesticht.

Kloostergelofte

In het ‘pensionnat’ te Vught werd Maria Luykx in drie jaar opgeleid tot lerares Frans. Met haar mo-akte op zak ging ze nog een jaar naar een ‘finishing school’ in Engeland. Daarna trad ze, in 1925, in bij de nonnen in Vught. Na haar noviciaatsjaar werd ze om gezondheidsredenen naar huis gestuurd. Terwijl ze daar aansterkte, studeerde ze voor de mo-akte Duits. Ze volgde daarnaast piano- en vioollessen en cursussen Kerklatijn en sociologie.

Maria Luykx meldde zich in 1932 opnieuw in Vught. Ze bracht haar noviciaat nu door in het zusterklooster in Verneuil sur Seine (35 km ten westen van Parijs), dat een positief advies over haar uitbracht. Onder de kloosternaam Marie de la Rédemption legde ze in 1934 in Verneuil haar tijdelijke kloostergelofte af en drie jaar later in Vught haar eeuwige gelofte van kuisheid, armoede en gehoorzaamheid. Ze bleef in Vught.

Talenpracticum

Mère Marie de la Rédemption werd ingezet als lerares Duits en sociologie op de aan het klooster verbonden middelbare school voor meisjes. Onder haar leerlingen gold Dempie, zoals ze achter haar rug werd genoemd, als een kundige maar veeleisende docente. In de sociologielessen stak ze haar eigen conservatief-liberale ideeën niet onder stoelen of banken. Tijdens deze lessen draaide ze soms films waarover ze met de leerlingen in discussie ging. Zelf ging ze naar de filmacademie en na het behalen van haar diploma (in 1953) verzorgde ze filmlessen in de vierde en vijfde klas van de mms.

In 1962 werd de school Regina Coeli (samen met twee andere scholen) door het ministerie aangewezen om te experimenteren met een talenpracticum ter ondersteuning van het vreemde talenonderwijs. Het practicum bevond zich in een nieuw schoolgebouw op het terrein van Regina Coeli, vlakbij het klooster en het internaat. Schooldirectrice mère Marie des Anges vond dat het talenpracticum ook gebruikt moest worden voor het volwassenenonderwijs ten bate van missie, zending en ontwikkelingswerk. Na overleg met de verantwoordelijken werd besloten dat Maria Luykx de leiding van dit project op zich zou nemen. Ze legde contacten met opleidingen van missionarissen en zendelingen, maar ook met de Katholieke Stichting voor Emigratie en met het Katholieke Vrouwendispuut om het project meer bekendheid te geven. In augustus 1962 kwamen de eerste cursisten: religieuzen van verschillende congregaties, groepen Afrikaanse meisjes via de EEG en Buitenlandse Zaken, en enkele geïnteresseerden uit de directe omgeving. Een jaar later werd een eigen practicumruimte met twaalf cabines aangelegd in het internaatgebouw. Villa Eikenheuvel, een onderdeel van het kloostercomplex, werd ingericht als gastenverblijf. In het cursusjaar 1963-1964 kwamen enkele Nederlandse bisschoppen hun talenkennis opfrissen voor het Tweede Vaticaans Concilie in Rome (1962-1965). Een aantal Franstalige ambassadeurs in België kwam in de jaren 1968-1970 op cursus bij ‘de nonnen van Vught’ omdat ze verplicht een examen Nederlandse taalvaardigheid moesten doen. Ook prinses Paola van België, een geboren Italiaanse, was klant.

De gouden formule die Luykx in Vught introduceerde was een sterk persoonlijke aanpak, gecombineerd met een methode die tegenwoordig ‘total immersion’ heet. De cursisten kwamen een of meer weken bij de nonnen in de kost en werden voortdurend aangesproken in de taal die ze moesten leren of opfrissen. De internationale congregatie kon bijna altijd de nodige moedertalige docenten leveren, en in Vught en het naburige klooster van de orde in Ubbergen woonden ook gepensioneerde talendocentes. In de beginperiode was ook de verzorging van de cursisten in handen van de zusters, maar met de afname van het aantal roepingen kwam het werk steeds meer in lekenhanden.

Laatste jaren

Maria Luykx was 22 jaar directrice van de internationaal erkende talenopleiding voor mensen uit het bedrijfsleven, politici, wetenschappers, ambtenaren van internationale instellingen, BN-ers, én ‘gewone mensen’. Tot 1989 bleef ze actief betrokken bij wat inmiddels Taleninstituut Regina Coeli BV heette. Ze sprak onder meer op congressen van de Raad voor Europa over talenonderwijs aan volwassenen. Op haar 75ste verjaardag (1979) werd ze Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Nog tien jaar lang was ze op haar fiets – en allang niet meer in habijt – een vaste verschijning in de dorpskom van Vught. ‘Haar oversteekgedrag gaf daarbij soms blijk van een groot vertrouwen in de Voorzienigheid’, aldus Rien Wols op de website van het Brabants Historisch Informatie Centrum. In haar laatste jaren gingen haar geestelijke vermogens achteruit. Maria Luykx is altijd bij haar medezusters blijven wonen in het klooster aan de Helvoirtseweg in Vught. Haar laatste levensjaar heeft zij doorgebracht op de verpleegafdeling van Huize Elisabeth in Vught. Zuster Marie de la Rédemption, geboren Maria Luykx, overleed op 16 april 1996 in de ouderdom van 91 jaar. In het huidige instituut, dat is gebouwd op het terrein van de congregatie en nu nog opleidingen in acht talen aanbiedt, hangt haar in 1985 door Peer van den Molengraft geschilderde portret.

Naslagwerken

Brabantse biografieën.

Archivalia

  • Kanunnikessen H. Augustinus, Vught (in de nabije toekomst: Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven, Sint Agatha): archief pensionaat Regina Coeli.
  • Centraal Bureau voor Genealogie, Den Haag: persoonskaart.

Literatuur

  • N. van der Heijden-Rogier, Regina Cœli, klooster en meisjespensionaat in Vught 1903-1971 (Nijmegen 2002) [diss.].
  • J. Broekhuzen, L. Vente en E. Verlouw red., Van mystiek naar methode. ‘De nonnen van Vught’, 40 Jaar Taleninstituut Regina Coeli (Vught 2003).
  • Rien Wols, ‘De koningin van “Coeli”: zuster Maria Luykx (1904-1996)’ [URL https://www.bhic.nl/ontdekken/verhalen/de-koningin-van-coeli-zuster-maria-luykx-1904-1996; geraadpleegd 15-9-2016].
  • Annelies van Heijst, Marjet Derks en Marit Monteiro, Ex caritate: kloosterleven, apostolaat en nieuwe spirit van actieve vrouwelijke religieuzen in Nederland in de 19 en 20 eeuw (Hilversum 2010).
  • Annette Heere, Het verhaal van ‘de Nonnen van Vught’ (Vught 2017).

Illustratie

Zuster Maria Luykx, door Peer van den Molengraft, 1985 (Collectie Language Institute Regina Coeli te Vught).

Auteur: Kees Kuiken

laatst gewijzigd: 16/11/2017

De datum onder dit biografisch lemma geeft aan wanneer er voor het laatst aanvullingen en/of correcties in het stuk zijn doorgevoerd. Met ingang van 2023 is het project afgesloten.