25/06/1627

25 - 06 - 1627

Presentielijst:

Resoluties:

1 Z.Exc. verschijnt ter vergadering. Opnieuw is de kwestie van de betaling van de ongerepartieerde ruiters en soldaten behandeld: deze zullen voorlopig nog in dienst van het land blijven. Omdat voor hun betaling nog geen geld uit Frankrijk is gekomen, krijgt de ontvanger-generaal opdracht de reeds vervallen maanden - en nog toekomende gedurende hun inzet te velde - te betalen. Hij moet het geld lenen op een per periode door de RvS te verstrekken akte.
De heren van Holland wordt nogmaals verzocht het krediet van de ontvanger aan te vullen, onder vaste belofte van de overige provincies dat zij hun van dit krediet zullen ontheffen en de aflossing voor hun rekening nemen wanneer er geen geld uit Frankrijk komt. De heren verklaren hiermee voor deze keer in te stemmen, op voorwaarde dat de andere provincies Holland inderdaad van dit krediet zullen vrijstellen voor het vastgestelde tijdstip van betaling, aan het eind van zes maanden. De provincies verklaren zich hiertoe bereid.

2 Z.Exc. vraagt of HHM vasthouden aan hun resoluties van 18 dec. 1626 en 17 juni 1627 over de absente officieren, die hem ter naleving overhandigd zijn. Recent heeft de koning van Groot-Brittanniƫ over enkele officieren geschreven; gisteren heeft Carleton over hen gesproken, en Joachimi heeft in zijn brieven van 7 april kapitein Jorck aanbevolen.
HHM houden vast aan de genomen resoluties en zullen het verzoek van Carleton weigeren.

3 Aangaande het verzoek van Carleton van gisteren over de uitvoer van buskruit zal de akte van 18 juni, waarin vijftigduizend pond is toegestaan, worden veranderd in honderdtwintigduizend pond. Hierover dienen wel 's lands rechten te worden betaald.

4 De pachters van de konvooien en licenten maken vanwege het aantal bezwaar tegen het lossen van de 68 koffers, pakken en balen van Carleton, ook al bevestigt deze dat de spullen van hem en zijn gevolg zijn.
De pachters moeten de spullen vrij doorlaten.
Het schip D'Asseurance, waarmee de ambassadeur is overgekomen, heeft zijn eigen bieren voor de vervolgreis naar Rusland niet kunnen innemen.
Het bier zal vrij mogen worden overgenomen uit een ander schip dat Carleton heeft meegestuurd.

5 Jacob Pauw, koopman uit Rotterdam, is op zijn verzoek paspoort gegeven om via Brabant naar Frankrijk te reizen.

6 Sergeant-majoor Buat verzoekt conform het schrijven van de Deense koning betaling van 18.000 rijksdaalder.
Aangezien HHM kort geleden geld aan de koning hebben overgemaakt en de wisselbrieven aan Buchner hebben meegegeven, dient Buat zich tot deze gezant te wenden.

7 Tegen Bosch' licent en onder cautie is de volgende uitvoer toegestaan: naar Prinsenland twee merries en naar Almkerk in het Land van Altena twee merries door Clauwert Marcelissen; naar Bloemendaal drie merries, vijf melkkoeien en zes hokkelingen door Gerart Ambrosius; naar Sleeuwijk in het Land van Altena twee merries door Jan Laurenssen, Aert Lamberch, Jan Dirxen en Herman Melissen ieder; naar Drongelen door Jan Henrixen Tol twee merries en twee koeien; naar Sprang twee merries door Adriaen Dirxen.
Daniel Wouterssen Mulder mag op een binnenlands paspoort zes merries naar Heusden brengen; zij zullen voor twee wagens in het leger worden gebruikt.

8 De ambachtsheer, het gerecht en inwoners van het dorp Sleeuwijk verzoeken akte waarmee zij eigen gewas aan weerszijden op de markt mogen brengen.
HHM apostilleren dat het de supplianten bij plakkaat van retorsie niet verboden is dit te doen. Niemand mag hen daarin belemmeren. Een dergelijk verzoek van die van Dongen is afgewezen.

9 Op verzoek van burgemeesters, regeerders en de gehele gemeente van Goch is besloten dat Eindhoven, Helmond, Gemert en omringende plaatsen hun linnen naar Goch zullen mogen brengen. Zij mogen het daar bleken en daarna weer ophalen.

10 De RvS adviseert het verzoek d.d. 16 juni van Jan Vossele, die driehonderd schippond lont naar de Zweedse koning wil vervoeren, tegen betaling van 's lands rechten toe te staan.
HHM nemen dit advies over.

11 Het verzoek van Robert Robertsen om enige betaling van zijn traktement van 100 daalder is opgeschort.

12 HHM nemen geen besluit over een brief van Languerack d.d. Parijs 13 juni.