19/12/1629, 21

19/12/1629, 21

21 De RvS meldt in zijn brief d.d. 's-Gravenhage 18 dec. dat men nogmaals met Burlamachi gesproken heeft en geprobeerd heeft hem ertoe te bewegen HHM meteen 181.626 gld. 8 st. te betalen zonder deze schuld te laten voldoen door het verkopen van het geschut dat af en toe uit Engeland gestuurd zou worden. Dit zou te weinig garantie geven voor HHM. Na verder overleg heeft men hem eindelijk zover gekregen dat HHM of met geschut of met het geld dat de verkoop van het geschut oplevert, betaald zullen worden met preferentie voor alle anderen en in concurrentie met dezelfde termijnen en sommen die de koningin van Bohemen zal krijgen. Het geschut moet zeker naar de Republiek komen om de juwelen van de koning van Groot-Brittanniƫ in te lossen, volgens een contract tussen Burlamachi, Latseur en Calandrini in Amsterdam opgesteld. De RvS heeft dit contract onderzocht en in het oorspronkelijke overgenomen. De RvS meent dat deze zaak met Burlamachi vanwege zijn kwaliteit niet verder afgerond kan worden en dat zijn assignatie door Latseur en Calandrini geaccepteerd moet worden, zoals al in hun contract ten profijte van Burlamachi is gebeurd. Wat betreft het bedrag van 25.185 gld., dat door de koning van Groot-Brittanniƫ op HHM wordt gekort en dat door commissaris Hoogenhouck zonder lastgeving van zijn vorst ten dienste van de koning van Denemarken is gebruikt, moeten HHM Joachimi schrijven er zijn best voor te doen dat de koning van Groot-Brittanniƫ deze aanspraak laat vallen omdat het HHM niet aangaat. Als men dit verkrijgt, stelt Burlamachi voor nog een ander bedrag, namelijk 9.026 gld., dat in handen is van Joachimi, te laten betalen. Daarmee zou het bedrag van 181.626 gld. 8 st. zijn voldaan. De RvS kan geen andere middelen bedenken waardoor HHM sneller en met meer zekerheid betaald worden.
De heren van Holland verklaren dat hun principalen van mening zijn dat Latseur en Calandrini de genoemde assignatie moeten aannemen zonder te letten op het geschut en dat de RvS daartoe alle mogelijke moeite moet doen. HHM laten het daarbij.