Bader, Wilhelmina Cornelia Sophia Christina (1878-1965)

 
English | Nederlands

BADER, Wilhelmina Cornelia Sophia Christina (geb. Zoeterwoude 11-2-1878 – gest. Arnhem 23-5-1965), kinderarts en pionier op het gebied van kleuterzorg. Dochter van Christiaan Arie Bader (1848-1918), sergeant-schrijver bij de marine en gymleraar, en Neeltje de Vogel (1842-1923). Christine Bader bleef ongehuwd.

Christine Bader werd geboren als derde van zes kinderen in een mariniersgezin – een van haar broers stierf toen hij drie jaar was. Zo groeide ze op met twee broers en twee zussen in Leiden, waar het gezin naartoe was verhuisd toen ze drie was. Na de mms en hbs ging Christine geneeskunde studeren in Leiden. Ze was een van de weinige vrouwen. In haar studietijd kwam ze in aanraking met arme kinderen uit arbeiderswijken, met wie zij als vrijwilliger ging wandelen in de duinen.

Consultatiebureaus

Na haar artsexamen in 1904 vestigde Christine Bader zich als huisarts voor vrouwen en kinderen in Arnhem, waar haar zus Gerritje Neeltje (1874-1932) een jaar eerder als directrice van de industrieschool voor meisjes aan het werk was gegaan – ze trok bij haar in aan de Boulevard Heuvelink (nr. 98). Baders keuze voor Arnhem zal ook ingegeven zijn geweest door de aanwezigheid van een kinderziekenhuis. Ze legde zich immers toe op kindergeneeskunde en werd twee jaar later aangesteld als tweede geneeskundige van het Arnhemse Kinderziekenhuis. Van 1907 tot 1921 werkte ze tevens als schoolarts, een nieuw fenomeen dat voortvloeide uit de Leerplichtwet (1901). Door deze combinatie van werkzaamheden bleef Bader goed op de hoogte van de nieuwste ontwikkelingen. Ook haar stages in Berlijn, Parijs en Wenen droegen daaraan bij.

Christine Bader werd in 1911 voorzitster van de Arnhemse afdeling van de Nederlandsche Bond tot Bescherming van Zuigelingen. Zeven jaar later legde zij dit voorzitterschap neer en werkte ze mee aan de oprichting van de Arnhemsche Vereeniging Zuigelingenzorg, die in de stad consultatiebureaus opzette. Sommige artsen zagen die zuigelingenbureaus als oneerlijke concurrenten voor hun huisartspraktijk, maar Bader was overtuigd van de noodzaak van zorg in een vroeg stadium. De zuigelingensterfte was nog altijd hoog omdat ouders weinig wisten over de juiste hygiëne en babyvoeding, en artsen wachtten te lang met ingrijpen.

In 1921 ging Christine Bader aan de slag als gezondheidsinspectrice – afdeling ‘hygiëne van het kind’ – in Noord-Brabant en Limburg, later aangevuld met de taken tbc-bestrijding (1924) en bestrijding geslachtsziekten (1926). Daarnaast was ze actief in de Nationale Vrouwenraad en de Internationale Vrouwenraad. Vanuit de Nationale Vrouwenraad zat ze in de Commissie tot Bestudering van het Bevolkingsvraagstuk, die in 1927 haar rapport uitbracht. Al die tijd bleef Christine Bader in Arnhem wonen – vanaf 1926 in de Steijnstraat (nr. 35). Dit riante pand betrok zij met haar tien jaar jongere zus Neeltje, die als onderwijzeres in Arnhem werkte.

Kleuterzorg

In Arnhem nam Christine Bader het initiatief tot oprichting van de eerste consultatiebureaus voor kleuters (1927), het medisch kleuterdagverblijf Het Zonlicht (1928), een eigen opleiding tot kinderverzorgster en een openlucht-kleuterschool (1930). Door vroeg ingrijpen hoopte ze op een verbetering van de levenskwaliteit van met name arbeiderskinderen. In de nieuwe kleuterdagverblijven kregen zij gezonde voeding, voldoende frisse lucht en werd er toegezien op een goede afwisseling tussen beweging en rust. In 1933 legde Christine Bader haar inspectietaken neer en wijdde zij zich volledig aan de consolidatie van de kleuterzorg.

Tijdens de oorlog bleef Christine Bader op haar plek, ook na de Slag om Arnhem en de daaropvolgende evacuatie in september 1944. Zij stond als – inmiddels 66-jarige – noodarts de achterblijvers bij. De gebouwen van kleuterzorg waren vrijwel allemaal verwoest. Na de bevrijding ging zij direct verder met de wederopbouw van de kleuterzorg. In 1947 opende prinses Juliana een nieuw hoofdgebouw op landgoed Den Heuvel in Arnhem: het Christine Baderhuis. Op datzelfde terrein kwam Bader zelf te wonen. Ze bleef nauw verbonden met haar levenswerk. Pas in 1963, toen zij 85 jaar oud was, droeg zij het voorzitterschap over en werd ze erevoorzitter. Haar gezondheid was toen al broos. Twee jaar later, op 23 mei 1965, overleed Christine Bader in haar woning bij het Christine Baderhuis, op de leeftijd van 87 jaar.

Betekenis

Haar inspanningen voor de zuigelingenzorg waren van belang, maar de grootste vernieuwing van Christine Bader school in haar pleidooi voor specifieke gezondheidszorg voor kleuters. Dat was een schakel in de keten die zij als schoolarts had gemist. Bij de viering van haar vijftigjarig jubileum als arts in 1954 werd zij geridderd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau. Het kleuterdagverblijf was na haar dood een niet meer weg te denken instelling. De op Baders initiatief opgerichte Arnhemse Vereniging voor Kleuterzorg (1926) werd in 1989 omgezet in de Stichting Christine Bader (in 2009 gefuseerd met stichting Het Irene KinderZiekenhuis).

Naslagwerken

BWG; Persoonlijkheden.

Publicaties

  • Elisabeth Behrend, Hoe moet ik een zuigeling verzorgen (Arnhem 1931) [vertaald uit het Duits door Christine Bader].
  • Overpeinzingen bij een 50-jarig artsjubileum (1904-1954) (Arnhem 1954).

Literatuur

  • J. in ’t Veld, Christine Bader (Nijmegen 1993).
  • Bregatha de Gooijer, Het kostbare kind: duur en dierbaar. Het Medisch Kleuterdagverblijf in Nederland, 1919-1990 (Arnhem 2001).

Illustratie

Christine Bader, door Pim Stuifbergen, 1955 (Nationaal Archief/Spaarnestad Photo).

Auteur: Ingrid van der Vlis

laatst gewijzigd: 24/04/2016

De datum onder dit biografisch lemma geeft aan wanneer er voor het laatst aanvullingen en/of correcties in het stuk zijn doorgevoerd. Met ingang van 2023 is het project afgesloten.