Lennep, Hester Juliana Octavia van (1916-2000)

 
English | Nederlands

LENNEP, Hester Juliana Octavia van (geb. Amsterdam 8-7-1916 gest. Doesburg 1-1-2000) actief in het verzet. Dochter van Karel van Lennep (1866-1923), bankier, en Anna Elize Homans (1871-1943). Hester van Lennep trouwde op 20-1-1944 in Tienhoven met Sándor Baracs (1900-2002), journalist. Uit dit huwelijk werden 2 dochters en 1 zoon geboren.

Hester van Lennep werd geboren als jongste dochter in een welgesteld hervormd bankiersgezin met acht kinderen. Ze woonde op de Herengracht in Amsterdam, waar haar vader directeur was van de Liquidatiekas. Hester was zeven toen hij op 56-jarige leeftijd stierf. In de jaren dertig, tijdens een vakantie met haar moeder in Duitsland, maakte Hester kennis met het nationaal-socialisme, dat haar een blijvende, hartgrondige afkeer inboezemde. Net als haar twintig jaar oudere zus Mies Boissevain-van Lennep – wier zoons Gideon en Jan Karel de gewapende verzetsgroep CS-6 aanvoerden – raakte Hester van Lennep in de oorlog betrokken bij het verzet.

Redster van Joodse kinderen

Vanaf begin jaren veertig leidde Hester van Lennep samen met haar vriendin Paulien van Waasdijk (1917-1976) een instituut voor huidverzorging aan de Amsterdamse Keizersgracht (nr. 484). Vanwege de deportaties in de zomer van 1942 klopten steeds meer Joodse klanten bij haar aan voor hulp. Zo kwam Petertje Frank, haar eerste onderduikkind, in het najaar van 1942 min of meer spontaan bij haar moeder in Hilversum terecht. ‘Voor je het wist zat je er opeens midden in’, vertelde Van Lennep later (Flim, Omdat hun hart sprak, 106). De Keizersgracht 484 werd in Joodse kringen een begrip: van oktober 1942 tot mei 1943 wist Van Lennep via de ‘sneeuwbalmethode’ – een netwerk van klanten, vrienden en kennissen – en gesteund door Van Waasdijk, de verzetsfamilie Boissevain en haar verloofde, de Hongaars-Joodse onderduiker Sándor Baracs, circa twintig Joodse kinderen voor deportatie te behoeden.

Op zoek naar nieuwe onderduikadressen kwam Hester van Lennep in april 1943 via haar zus Mies in contact met Gezina van der Molen, redactrice bij het illegale blad Trouw. Met haar begon ze binnen de Trouw-groep een kleine ‘afdeling kinderwerk’: via de Hervormde Kweekschool aan de Plantage Middenlaan liet Van Lennep Joodse baby’s, peuters en kleuters in waszakken en rugzakjes uit de Joodse crèche recht tegenover de Hollandsche Schouwburg ontsnappen.Voor de kinderen heette ze Tante Julia en met haar medewerkers vormde ze een belangrijke schakel tussen de Joodse verzetsman Walter Süskind, kweekschooldirecteur Johan van Hulst en de ‘verspreiders’ van de Trouw-groep, die de kinderen naar hun onderduikadressen brachten. In vier maanden tijd redde Van Lennep zo tachtig kinderen, onder wie Sally Appel – ze was de enige die deze zeer Joods uitziende peuter langs de bewaking door de tuin van de kweekschool waagde te dragen.

Hester van Lenneps huidverzorgingsinstituut diende niet alleen als tijdelijke opvang voor Joodse kinderen (op de zolder waren vanaf de zomer van 1943 veertien kinderbedjes ingericht), maar ook als onderduikadres voor Trouw-medewerkers, voor wie ze koerierde. Met de alcoholvergunning voor haar instituut wist Van Lennep aan drinkbare alcohol te komen, waarmee Süskind bewakers dronken voerde. Na de arrestatie van de familie Boissevain (CS-6) op 1 augustus 1943 moest Hester van Lennep onderduiken. Vanaf haar onderduikadres bij kennissen in Amstelveen zette ze haar verzetswerk voort. Zo ontfermde ze zich als plaatsvervanger van haar neven Gideon en Jan Karel over een groot aantal onderduikers in en rond Amsterdam.

Na de oorlog

Op 20 januari 1944 trouwde Hester van Lennep clandestien met Sándor Baracs in het stadhuis van Tienhoven (Utrecht), onder het speciaal van zolder gehaalde portret van Wilhelmina en omringd door onderduikers. Een foto van de huwelijksplechtigheid, gemaakt door verzetsman Johan Christiaan van Dijk, dook in 1981 op in De Telegraaf. Na de bevrijding gingen ze wonen aan de Keizersgracht 484. Ze waren onafscheidelijk en kregen drie kinderen: Hester Amalia (1945), Eva Sylvia (1947) en Karel (1950). In september 1974 verhuisde het gezin naar Doesburg (Burgemeester Nahuyssingel 2), waar Hester Baracs-van Lennep op 1 januari 2000 geheel onverwacht stierf, 83 jaar oud. Op de begraafplaats Westerveld in Driehuis vond ze haar laatste rustplaats.

Reputatie

Hester Baracs-van Lennep ging de geschiedenis in als een van de moedige kinderwerkers die in de oorlog een enorme inspanning leverden ‘omdat hun hart sprak’ (gecit. Omdat hun hart sprak, 403) – gezamenlijk redden ze honderden bedreigde kinderen het leven. Voor haar verzetswerk kreeg Baracs-van Lennep het Verzetsherdenkingskruis en in 1985 de Yad Vashem-onderscheiding. Zelf vond ze het volgens haar dochter veel eer voor ‘zoiets vanzelfsprekends’ als het redden van kinderen – Joods en niet-Joods. ‘Ik ben maar een voetnoot in de boeken van Loe de Jong’, zei ze wel eens (gecit. Witvliet). Wel was het in haar ogen een wonder dat ze de oorlog had overleefd en ze voedde haar kinderen in dankbaarheid op. Haar zoon, de ‘stadsverteller van Amsterdam’ Karel Baracs, maakte van zijn moeders levensverhaal de ontroerende voorstelling Waarom lijn 8 niet meer rijdt, die hij tien jaar lang (2000-2010) rond 4 en 5 mei in het Amsterdamse Verzetsmuseum opvoerde en van 2012 tot 2016 jaarlijks in de Stadsschouwburg, voor de hoogste groepen van het basisonderwijs.

Archivalia

  • Stadsarchief Amsterdam: archiefkaarten van Sándor Baracs, Adrienne Minette van Lennep; gezinskaart van Karel van Lennep; archief familie Van Lennep inv. nr. 238.
  • NIOD, Amsterdam: knipselcollectie KB I 8568 [overlijdensadvertenties].

Literatuur

  • Stan Huygens, ‘Bruidspaar snel gevonden’, De Telegraaf, 6-5-1981.
  • Anita van Ommeren en Ageeth Scherphuis, ’De crèche 1942-1943’, bijlage Vrije Nederland, 18-1-1986.
  • Bert Jan Flim, Omdat hun hart sprak. Geschiedenis van de georganiseerde hulp aan Joodse kinderen in Nederland, 1942-1945 (Kampen 1996).
  • Helene Butijn, ‘Redacteur, maar vooral mensenredder’, Trouw, 10-08-2002.
  • Frits Abrahams, ‘Verhalenman’, NRC, 30-4-2004.
  • Marianne Witvliet, ’Kwetsbaarder dan glas. Interview met Amalia Baracs’, Terdege, 21-7-2010, 16-18.
  • Mark Schellekens, Walter Süskind. Hoe een zakenman honderden Joodse kinderen uit handen van de nazi’s redde (Amsterdam 2011).
  • Bert Jan Flim, Onder de klok. Georganiseerde hulp aan Joodse kinderen (Leeuwarden 2012).
  • Bas von Benda-Beckman, ‘De oorlogsjaren van Johan van Hulst’, in: Wouter van Haaften, Gerlof Verwey, red., Johan W. van Hulst, pedagoog, politicus, verzetsman. In de voetstappen van Coornhert (Hilversum 2015) 98-99.

Illustratie

Illegale bruiloft van Hester Juliana Octavia van Lennep en Sandor Baracs, 1944, gefotografeerd door Johan Christiaan van Dijk (Beeldbank WO2 -Verzetsmuseum Amsterdam). 

Auteur: Marie-Cécile van Hintum

laatst gewijzigd: 21/07/2016