26/07/1628

 
English | Nederlands

26 - 07 - 1628

Presentielijst:

Gelderland:
Holland:
Zeeland:
Utrecht:
Friesland:
Overijssel:
Groningen:

Resoluties:

1 Berckel bericht dat de afgevaardigden van HHM krachtens de resolutie van 26 juni de algemene gevangenenruil hebben besproken met de door de hertogin van Brabant aangestelde heer van Merquette. Zij hebben hierover echter geen overeenstemming kunnen bereiken. Vanwege het grote aantal gevangenen Nederlanders aan de kant van de vijand en het kleine aantal gevangenen in Nederlandse handen eist Merquette ook de vrijlating van de op het land gevangengenomen jezuïten Johannes Alardy te Groningen, Remerus Houtmans te Bergen op Zoom, George Warde te Sluis in Vlaanderen en één à twee andere in Vlissingen.
HHM laten hun afgevaardigden alles in het werk stellen om de ruil van de gevangenen ter zee conform de resolutie van 26 mei te volbrengen. Indien dit niet slaagt, mogen zij de genoemde jezuïten erbij betrekken, mits dan ook de te Lissabon in Portugal gevangen Schiedamse schipper en zijn matrozen worden vrijgelaten.

2 Op verzoek van Jacob Duiffhuisen, voormalig vendumeester van de Admiraliteit te Rotterdam, geven HHM hem toestemming om zoals eerder het notarisschap uit te oefenen, ondanks het in zijn nadeel gewezen vonnis van de gedelegeerde rechters. Daartoe mag hij de Gecommitteerde Raden in Holland om een nieuw aanstellingsbewijs verzoeken.

3 In navolging van de resolutie van 18 juli toont Daniel Colonius een verklaring van Johannis Polyander, dr. aan de theologische faculteit te Leiden. Polyander en zijn collega's achten het nuttig de disputaties over de vier boeken van instituties van Johannes Calvinus te drukken.
HHM verlenen Colonius conform de genoemde resolutie octrooi.

4 HHM bespreken een bij Z.Exc. ingediend rekest van Louis de Saulguer, heer van Ormois. De suppliant heeft het verraad van Bergen op Zoom aan het licht gebracht, waarvoor Anthoine L'Estoffe en zijn medeplichtigen zijn terechtgesteld. Hij vraagt om betaling van zijn vertering in de herberg en een blijk van waardering.
HHM laten de vertering betalen en bespreken de schenking met Z.Exc.

5 Gockinga, syndicus van de Ommelanden, compareert. Conform de uitspraak van HHM d.d. 17 juni geeft hij de griffier namens zijn lastgevers de eis tegen de burgemeesters en magistraat van de stad Groningen als gedaagden. Daarnaast levert hij een kopie in van de eis.
HHM laten deze kopie aan de tegenpartij geven. Deze moet daarop antwoorden binnen zes weken na afloop van de zes weken, die de eisers voor het indienen van hun eis hebben gekregen.

6 Johannes Retzer schrijft d.d. Emmerik [Emmerich] 20 juli dat de Kleefse regering ook ontvanger Onckel weigert zijn ambt te laten uitoefenen.
HHM geven de brief met bijlagen aan de afgevaardigden naar de bespreking met ambtman Aer om hem daarover te horen.

7 HHM ontvangen brieven van de Palts-Neuburgse raden d.d. Düsseldorf 3 juli, van de Kleefse regering d.d. Emmerik [Emmerich] 18 juli, van Wolfgang Wilhelm d.d. Neuburg 4 juli en van Johan van Marcken d.d. Düsseldorf 16 juni. De briefschrijvers verzoeken herstel van de schending van de door HHM en Z.Exc. aan Van Marcken verleende paspoorten om naar het platteland te mogen reizen en overal zijn zaken te regelen. Verder vragen zij het verleende uitstel van executie op het Land van Gulik [Jülich] na te komen, conform het op de propositie van baron van Spieringh genomen besluit van 2 juni.

8 Conform de resolutie van 25 juli dient secretaris Willem Witfeld zijn op 24 juli mondeling gedane voorstel schriftelijk in.
HHM geven het voorstel voor advies aan de RvS.

9 Over het verzoek van Abrahamus Muijsenholius, voormalig predikant te Breda, om een jaartraktement vragen HHM advies aan de RvS.

10 Lazare Beijart, voormalig predikant van de Waalse kerk te Breda, verzoekt verlenging van zijn traktement van 500 gld. Ontvanger Berchgaigne zou dit moeten betalen totdat Beijart een andere betrekking heeft gekregen.
HHM geven het rekest voor advies aan de RvS.

11 De Gedeputeerde Staten van Friesland benoemen d.d. Leeuwarden 26 juni dr. Horatius Doman in de Generaliteitsrekenkamer .
Doman legt de eed af, waarna HHM zijn benoeming bevestigen.

12 Naar aanleiding van het op 12 juli ingediende rekest van Willem Stevensz. vragen HHM nogmaals de Admiraliteit in het Noorderkwartier om hierover te berichten.

13 Naar aanleiding van het reeds verschillende keren ingediende rekest van Abraham Jansz. Wens laten HHM de griffier opnieuw de RvS verzoeken om diens achterstallige geld te betalen.

14 Veltdriel meldt in opdracht van de RvS naar de Gecommitteerde Raden van Zeeland te zijn geweest. Hij heeft hun verzocht de noodzakelijke munitie, brandstof voor de winter en onderdak voor kapiteins, officieren en soldaten van het nieuwe fort [ Blauwgaren] bij Lillo te betalen. De Raden hebben dit geweigerd, maar willen spoedig de in 1626 op hun provincie gerepartieerde zes en een halve compagnieën oude Fransen tot en met sept. 1628 betalen. Iedere kapitein moet een klerk of officier zenden om hun te laten betalen.
Ten tweede zouden de Raden ritmeester Hafften en de twee en een halve compagnieën van het regiment van Candale willen betalen. Vanwege hun zware lasten moeten zij dit echter weigeren.
Ten derde zouden de Raden de burgers van Breda het door hen verzochte aandeel willen vergoeden. Daartoe vragen zij om een nauwkeurige specificatie van de door deze burgers verstrekte voorschotten.
HHM sturen deze punten terug aan de RvS. Intussen wachten zij op het antwoord van de Staten van Zeeland op hun brief van 22 juli.

15 Vanwege de afwezigheid van Noortwijck voegen HHM Bruininxs toe aan de afgevaardigden naar de bespreking van de zaak tussen secretaris Gunter en Brasser.