Dagboeken

 
English | Nederlands

dagboekcahier 6

20/09/1918

vrijdag 20 september 1918

Vanmorgen ontving ik dit briefje van Ruijs:

Amice! Zoojuist komt het advies van den Raad van State over de nieuwe departementen in. De zaak kan nu midden volgende week klaar zijn. Bravissimo en dan hartelijk welkom.

Beste groeten, totus tuus, R. d. B.

Ziezoo, dat is tenminste eenig bericht. Dus nu maar weer afwachten of ’t woensdag of donderdag zijn zal. ’n Gek ding. Ik had gedacht dat ik zeker deze week benoemd zou zijn. Daarom had Tepe reeds tegen dinsdag a.s. een vergadering van den Centralen Raad uitgeschreven om in de vacature van directeur van het Centraal Bureau te voorzien. ’t Dolle is dat ik dan nog niet benoemd ben en er dus nog geen vacature is! Mijn brief lag, ongedateerd, al klaar. Ik zal er nu maar van maken ‘wegens mijn aanstaande benoeming tot minister van Arbeid’!

            Van prof. de Savornin Lohman en prof. Slotemaker de Bruïne, beiden te Utrecht, de een christelijk-historisch, de ander anti-revolutionair, kreeg ik brieven, waarin zij mij hun steun toezeggen,  speciaal tegen hun vrienden, die meer den kant van gedeeltelijke staatspensioneering zouden willen opgaan. Slotemaker de Bruïne zegt: ik ben ’t wel niet geheel met u eens, maar thans moeten wij u steunen! Ik ben daar zeer verheugd over. Dit is trouwens ook de houding, die ik zelf steeds tegenover Talma aangenomen heb.

uit: Dagboek VI (5 november 1915 – 12 november 1918)