Knoopjesdraaiers en wolspinnersbusse
Gegegevens |
|||||||||||||
---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Naam | Knoopjesdraaiers en wolspinnersbusse | ||||||||||||
Plaats | Utrecht | ||||||||||||
Provincie | Utrecht | ||||||||||||
Aard | gilde | ||||||||||||
Datum | 1741-1937 | ||||||||||||
Jaar van oprichting | 1741 | ||||||||||||
Jaar van opheffing | 1937 | ||||||||||||
Bestaansduur | > 50 jaar | ||||||||||||
Ziekengeld | ja | ||||||||||||
Begrafenisgeld | ja | ||||||||||||
Leden |
|
||||||||||||
Tekst | Knoopjesdraaiers en wolspinnersbusse. 1741*-1937 Reglement 7 juli 1755; aanvulling 1790, ook aanwezig in archief NH. Volgens de enquête van 1812 was de wolspinnersbus opgericht in 1692. Fusie: in 1873 met de Houtschildersbus. Dit wordt pas in 1877 gemeld, waarna de bus uit de statistiek verdwijnt. Volgens S. 837 vond de fusie al op 24 sept. 1872 plaats. Opheffing: ontleend aan GA Utrecht, archief over 1768-1937. Voorzieningen: 1812 ziekengeld 4Fr20, begrafenisgeld 84Fr. 1827: ziekengeld ƒ2,- en begrafenisgeld ƒ40. ±1892 (reglement 1872) alleen begrafenisgeld ƒ50, wat met pen veranderd is in ƒ70 Leden: 1812 800; 1826 655; 1831 534; 1845 394; ±1889 43. Contributie: 10 cent; alleenstaanden 7½ cent; weduwen 5 cent. Bijzonderheden: als men voor ƒ145 ziekengeld heeft ontvangen, dan kan men tien jaar lang geen ziekengeld meer krijgen, maar men moet wel blijven doorbetalen en houdt recht op begrafenisgeld. Bronnen: Armverslag 1827; S. 54, 1 aug. 1692-20 nov. 1741* fusie met knoopjesdraaiers; S. 192, 1755-bestond nog 1925; S. 837, 24 sept. 1872-1927 in liquidatie. Waarschijnlijk betreft het hier steeds dezelfde bus. Begrafenisrapport Nut, 366 en 37; Fondsenenquête, 554; Enquête 1845. Verslag Verzekeringskamer 1925, 103, rubr. A; departementale lijst. |