07/04/1627

07 - 04 - 1627

Presentielijst:

Gelderland:
Holland:
Zeeland:
Utrecht:
Friesland:
Overijssel:
Groningen:

Resoluties:

1 HHM verlenen ordonnantie van 605 gld. 14 st. op de declaratie van Rantwyck en Sommelsdijck wegens hun gemaakte reis naar Zeeland.

2 De Bewindhebbers van de VOC ter Kamer Enkhuizen schrijven niemand anders dan Cornelis Sweerts te hebben genomineerd als hoofdparticipant, omdat zij in afwachting zijn van een particuliere resolutie van de Staten van Holland over deze kwestie.
HHM antwoorden dat een verzoek van de Staten-Generaal afdoende had moeten zijn, aangezien Holland deel uitmaakt van de Unie en dus mede toestemming heeft gegeven. De Bewindhebbers dienen het bevel van 2 april na te komen.

3 De Admiraliteit in Friesland nomineert Isaack Adius en Abraham Cæsarius voor het vacante ambt van konvooimeester in Harlingen.
HHM kiezen Cæsarius, die daarop de eed heeft afgelegd.
Van de Admiraliteit is tevens een brief ontvangen waarin zij wegens gebrek aan unanimiteit de nominatie sturen van vier personen voor het vacante ambt van konvooimeester in Coevorden. Het gaat om twee personen uit Friesland en twee uit Groningen. De vier gedeputeerden uit Friesland hebben twee personen uit hun provincie genomineerd en de andere vier gedeputeerden uit Holland, Utrecht en Groningen twee personen uit laatstgenoemde provincie. Omdat zij niet tot een nominatie van twee personen zijn gekomen, vragen zij HHM om een besluit.
HHM antwoorden eerst te willen weten of de huidige konvooimeester in Coevorden is aangesteld vanuit Friesland of Groningen. De overige provincies verklaren dat deze wetenschap niet tot vooroordelen mag leiden.

4 HHM besluiten deurwaarder Hardersum zoveel meubelen te laten geven aan de gezanten naar Zweden en Polen als deze nodig zullen hebben.

5 Commies-generaal Hendrik van Eck schrijft dat HHM maatregelen moeten nemen tegen de ruiters die paarden kopen en deze onderweg verduisteren.
HHM vragen de RvS om advies.
HHM ontbieden de generaals van de konvooien en licenten op 19 april om te rapporteren over hetgeen zij hebben waargenomen en hun kwartieren in ontvangst te nemen.