Jong, Dorothea Rosalie de (1911-2003)

 
English | Nederlands

JONG, Dorothea Rosalie de, vooral bekend als Dola de Jong (geb. Arnhem 10-10-1911 – gest. New York 12-11-2003), danseres en schrijfster. Dochter van Salomo Louis de Jong (1877-1943), (mede)eigenaar van kleermakerij, en Lotte Rosalie Benjamin (1885-1917). Dola de Jong trouwde (1) op 9-5-1940 in Tanger (Marokko) met Jan Hoowij (1907-1987), kunstschilder; (2) na echtscheiding, op 20-7-1946 in New York met Robert Henry Joseph (1907-1984), journalist. Uit huwelijk (2), dat in 1960 eindigde in een scheiding, werd 1 zoon geboren.

Dorothea de Jong groeide met haar oudere broer Hans – die haar de naam Dola gaf – en jongere broer Jan op in een welgesteld, geassimileerd Joods gezin aan de Ernst Casimirlaan (nr. 1) in Arnhem. Vader De Jong gaf leiding aan Kleermakerij en Hofleverancier M.S. de Jong. De moeder stierf toen Dola vijf jaar was en haar vader hertrouwde. Met haar stiefmoeder kon ze het slecht vinden. Als kind schreef Dola al verhalen, maar ze droomde ervan danseres te worden, zelfs nadat ze op dertienjarige leeftijd een operatie aan haar achillespezen had ondergaan en opnieuw moest leren lopen. Haar vader gaf echter geen toestemming – voor hem stond de wereld van de dans bijna gelijk aan die van prostitutie.

Schrijfdebuut

Na haar eindexamen werkte Dola de Jong korte tijd bij de Nieuwe Arnhemse Courant, tot ze als achttienjarige toch haar droom verwezenlijkte. Ze vertrok daarvoor naar Amsterdam, waar ze danslessen nam bij achtereenvolgens Lili Green en Yvonne Georgi. Ze woonde in een meisjespension in de Vondelstraat (nr. 66). In de jaren dertig danste ze in het corps de ballet van Georgi. Om in haar levensonderhoud te voorzien typte De Jong manuscripten uit voor An Rutgers van der Loeff-Basenau, was ze redacteur van een kindertijdschrift en verslaggever voor De Telegraaf, Het Vaderland, De Groene Amsterdammer en Het Algemeen Handelsblad. In 1933 debuteerde ze samen met Mies Moussault met de ‘bakvischroman’ Pieter loopt een blauwtje. Hierna kwam De Jong met enkele eigen publicaties, zoals de kinderboeken Tussen huis en horizon (1938) en Van Klaas Vaak en zijn brave zandkaboutertjes (1939), en de roman voor volwassenen Dans om het hart (1939), dat zich afspeelt in de danswereld. Rond deze tijd leerde ze de kunstschilder Jan Hoowij kennen, met wie ze zich verloofde.

Tijdens het collecteren voor Joods-Duitse vluchtelingen in maart 1940 proefde Dola de Jong zoveel antisemitisme dat ze besloot Nederland te verlaten. Tevergeefs probeerde ze haar familie mee te krijgen naar Marokko. Met Jan Hoowij kwam ze in april 1940 aan in Tanger, waar het stel op 9 mei trouwde en De Jong danslessen gaf tot zij en haar man een visum voor de Verenigde Staten kregen. Begin juni 1940 kwamen ze aan in New York. Aan uitgeverij Scribner’s & Sons verkocht De Jong de rechten op Knikkernik, Knakkernak en Knokkernok (1940), dat in 1942 in Amerikaanse vertaling verscheen (Nikkernik, Nakkernak and Nokkernok). Begin 1942 ging ze dansen in het circus van Bernard van Leer in New York. Verder werkte ze daar bij de radiozender van de Nederlands-Indische, Surinaamse en Curaçaose Voorlichtingsdienst van de regering in ballingschap als scriptschrijver.

Jeugdliteratuur en romans

The level land (1943) was het eerste jeugdboek dat De Jong in het Amerikaans schreef. Hoowij illustreerde het boek, dat gaat over Nederland aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. Het werd een succes. Inmiddels had De Jong contact met Scribner’s ‘editor of genius’ Maxwell Perkins, de ontdekker van onder anderen Hemingway. Hij gaf haar een voorschot van duizend dollar om een roman te schrijven. Dat werd And the field is the world, dat in 1945 in Amerika verscheen. De oorspronkelijk Nederlandse versie – ze had het manuscript laten vertalen – verscheen een jaar later in Nederland onder de titel En de akker is de wereld. De roman, die ze opdroeg aan haar in Sobibor omgekomen ouders en jongste broer, gaat over een echtpaar dat op hun vlucht naar Tanger weeskinderen heeft opgepikt. Veerkracht van kinderen en hun aanpassingsvermogen aan de wereld van volwassenen zijn een belangrijk thema in deze roman.

Het huwelijk tussen Dola de Jong en Jan Hoowij hield niet lang stand. In 1946 trouwde ze met de journalist Robert Joseph en verwierf zo het Amerikaans staatsburgerschap. Het paar kreeg één zoon: Ian (1951).

De Jongs bestseller The level land kreeg in 1947 op verzoek van de uitgever een vervolg, Return to the level land. Van 1948 tot 1949 verzorgde De Jong een radiorubriek voor de Worldwide Broadcasting Corporation over Amerikaanse cultuur. Tussen 1947 en 1967 schreef zij in Algemeen Handelsblad, Elsevier’s Weekblad, De Groene Amsterdammer, Literair Paspoort, NRC, Het Parool en Het Vrije Volk over Amerikaanse literatuur en kunst. Zo introduceerde ze Amerikaanse schrijvers als Truman Capote en Flannery O’Connor bij het Nederlandse publiek, en omgekeerd lobbyde ze in Amerika voor Nederlandse auteurs als Jan Cremer en Jan Wolkers. Tevergeefs beijverde ze zich voor een uitgave van haar vertaling van Anne Franks dagboek.

Ontworteld in Amerika

In 1954 verscheen De Jongs derde roman, De thuiswacht, over een lesbische relatie. De meeste critici in Nederland waardeerden de ingetogen manier waarop De Jong het omstreden thema van lesbische liefde beschreef. Haar Amerikaanse uitgever vond het thema echter te controversieel, en zodoende verscheen de vertaling pas in 1961 (The tree and the vine). Dat was een jaar nadat haar – ook weer omstreden – kinderboek By marvelous agreement (1960) was uitgekomen: het gaat over racisme en werd daarom geboycot door de grootste kinderboekenclub van de Verenigde Staten. In datzelfde jaar 1960 liep De Jongs tweede huwelijk op de klippen. In 1964 kwam ze met de thrillerachtige roman The whirligig of time, dat haar laatste boek zou worden. De Jong werkte in deze jaren nog aan een roman over de ontwortelde mens in Amerika, maar ze kreeg die niet af. Dat weet ze aan haar oorlogstrauma: ‘Die holocaust komt er tegenwoordig altijd tussendoor. Die belet mij het schrijven’ (gecit. Ligtenberg, 16).

Tussen 1970 en 1977 verbleef Dola de Jong in Nederland, waar ze woonde in Broek in Waterland en Ouderkerk aan de Amstel. Ze had een relatie met de ondernemer Oscar van Leer, met wie ze niet kon trouwen omdat hij nog getrouwd was – De Telegraaf meldde in augustus 1973 dat hun romance alweer voorbij was. Overigens bleef ze nog tot in de jaren tachtig Van Leers achternaam gebruiken. Het lukte De Jong niet meer om in Nederland te aarden. Met financiële steun van Van Leer ging ze in New York psychologie studeren, met als bijvak literaire kritiek. Als zeventigjarige behaalde ze in 1981 cum laude haar bachelor en werd ze aangesteld als docent Creative Writing aan de State University van New York. Zeven jaar later raakte ze door bezuinigingen haar vaste aanstelling kwijt, maar ze bleef privéles geven. Ze was bevriend met Leo en Tineke Vroman.

In de jaren tachtig kreeg Dola de Jong hartproblemen. Na een bypassoperatie constateerden haar artsen beenmergkanker. In 1995 verhuisde ze naar een verzorgingshuis dicht bij haar zoon in Laguna Woods (Californië). Daar overleed Dola de Jong op 12 november 2003, in de ouderdom van 92 jaar.

Betekenis

De jeugdboeken van Dola de Jong kregen een positieve ontvangst, haar inlevingsvermogen en karaktertekening werden geroemd. Een groot succes was The level land, dat ook in het Japans werd vertaald. Dans om het hart werd niet goed ontvangen, maar veel lof was er voor de beheerste stijl van En de akker is de wereld – in 1947 kreeg ze er de Prijs van de stad Amsterdam voor. De roman werd talloze malen herdrukt in Amerika, raakte in Nederland vergeten, maar werd in 2015 opnieuw uitgegeven.

Dola de Jong was een van de weinige Nederlandse auteurs die succesvol publiceerden in het Amerikaans-Engels. The house of Charlton Street (1962) werd in 1963 genomineerd voor de Edgar Allan Poe Award en een jaar later won ze de prijs voor The whirligig of time. In Nederland was De Jong toen al in de vergetelheid geraakt. Ze woonde ver weg en ze hoorde bij geen enkele literaire stroming. Het manuscript van een monografie over De Jong, geschreven in de jaren negentig door Marleen Slob, is door faillissement van de uitgeverij tot op heden ongepubliceerd gebleven. In 2015 werd de heruitgave van De Jongs En de akker is de wereld, met het oorspronkelijke omslagontwerp van Susanne Heynemann, zeer positief ontvangen. Datzelfde geldt voor haar in 2017 heruitgegeven De thuiswacht.

Naslagwerken

Atria; Kritisch Lexicon; Lexicon jeugdliteratuur; Joden in Nederland.

Archivalia

  • Koninklijke Bibliotheek, Den Haag: UMA C 45 (correspondentie tussen Dola de Jong en Angèle Manteau 1978-1987).
  • Letterkundig Museum, Den Haag: grote hoeveelheid brieven, enkele typoscripten en niet nader gecatalogiseerde archivalia.
  • Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie, Amsterdam: KB I - 11558 (Knipselcollectie Dola de Jong).

Publicaties/werken

Aanvulling op de verder volledige bibliografie in De Wit (Amsterdam 1991):

  • ‘Brief uit Amerika’, in: E. Breton de Nijs e.a., Eenentwintig jeugdindrukken (Amsterdam 1955) 43-44.
  • ‘Dola de Jong’, in: Herman van den Bergh e.a., Zeventien auteursgeheimen (Amsterdam 1957) 50-53.
  • Meesters der Amerikaanse vertelkunst na 1945 (Amsterdam 1968).

Literatuur

  • Robert H. Joseph, ‘Dola de Jong’, in: Els Bromberg e.a., Tweeëntwintig biografieën (Amsterdam 1950) 37-41.
  • Bernadette de Wit, ‘“Een volledige verhouding is in dit ondermaanse uitgesloten”. Over Dola de Jong’, in: Margriet Prinsse en Lucie Th. Vermij, Schrijfsters in de jaren vijftig (Amsterdam 1991) 90-101.
  • Lucas Ligtenberg, ‘Een leven doormidden gesneden. Dola de Jong, schrijfster van En de akker is de wereld’, in: De Parelduiker 17 (2012) 2-18
  • Eva Cossée, ‘Achter ieder goed boek schuilt nog een verhaal’, in: Dola de Jong, En de akker is de wereld (Amsterdam 2015) 250-255.

Illustratie

Dola de Jong, door onbekende fotograaf, ca. 1940 (Literatuurmuseum, Den Haag).

Auteur: Elizabeth Kooman

laatst gewijzigd: 21/07/2017