Kramer, Diet (1907-1965)

 
English | Nederlands

KRAMER, Dina Maria, ook bekend onder de auteursnamen Dingena de Pater en Paul van Ipenburg (geb. Amsterdam 25-4-1907 – gest. Den Haag 12-8-1965), schrijfster. Dochter van Pauwel Hendrik Kramer (1866-1927), drogist, en Jacoba van Ipenburg (1867-1949). Diet Kramer trouwde op 24-1-1934 in Batavia met Willem Anne Muller (1891-1945), rector van een lyceum. Uit dit huwelijk werden 1 dochter en 1 zoon geboren.

Diet Kramer groeide op als jongste van zes kinderen in een Nederlands-hervormd middenstandsgezin in Amsterdam. Na de lagere school ging ze naar de driejarige hbs, en vervolgens naar de Literair Economische School – de latere hbs-A. In 1924 debuteerde ze in de Telegraaf met het schetsje ‘Camielke’. Ze zat toen nog op school. Na haar schooltijd werkte ze korte tijd in de administratieve sector en bij enkele uitgeverijen. Daarnaast volgde ze cursussen op het gebied van (kunst)geschiedenis, literatuur en muziek.

Christelijk schrijfster?

In 1927 publiceerde Diet Kramer bij N.V. Drukkerij Jacob van Campen haar eerste meisjesroman, Stans van de Vijf-jarige. Een jaar later kwam ze met Ons Honk, opnieuw een meisjesboek, dat door uitgeverij Van Holkema & Warendorf werd opgenomen in de reeks Bekroonde Boeken. Hierna legde ze zich helemaal toe op het schrijven.

Tijdens een vakantie in Valkenburg in 1929 leerde Diet Kramer de zestien jaar oudere Willem Anne Muller kennen, die samen met zijn echtgenote en drie kinderen in hetzelfde hotel logeerde. Ze bleef contact met hem houden, ook nadat Muller in 1930 naar Batavia was vertrokken, waar hij rector werd van het Bataviaas Lyceum. Intussen publiceerde ze verhalen en artikelen over letterkundige, cultuurhistorische en pedagogische onderwerpen in uiteenlopende tijdschriften als Opgang, Leven en werken, Opwaartsche Wegen en De jonge vrouw. Tevens deed ze vertaalwerk en werkte ze mee aan series schoolleesboekjes van uitgeverij P. Noordhoff, deels onder het pseudoniem Paul van Ipenburg, ontleend aan de voornaam van haar vader en de achternaam van haar moeder.

Door haar medewerking aan protestants-christelijke periodieken en het lidmaatschap van het Verbond van Christelijk Letterkundige Kringen profileerde Kramer zich aanvankelijk als christelijk schrijfster. Op zeker moment nam ze hiervan afstand. Ze durfde zichzelf geen christelijk literator te noemen, omdat ze volgens haar eigen idee onvoldoende geloof kon opbrengen. De kennismaking met de atheïstische Wim Muller kan hierbij een rol hebben gespeeld. In ieder geval zei ze in 1930 het lidmaatschap op van de Kring Amsterdam van het Verbond van Christelijk Letterkundige Kringen en van de Christelijke Auteurskring Amsterdam. Haar worsteling met het geloof zou haar hele leven een rol spelen en komt ook in haar werk naar voren. Enkele van haar romans hebben een duidelijk godsdienstig perspectief, andere zijn in dit opzicht volstrekt neutraal. Maar ook zijn er verhalen waarin de hoofdpersoon zich onzeker voelt over het geloof.

In 1932 verscheen Begin, de eerste roman van Diet Kramer voor volwassenen. Het boek gaat over het moderne leven, daarmee vooral verwijzend naar de vrijere levensstijl die in die tijd onder jongeren gangbaar werd. Het werd een groot succes: binnen een jaar verschenen vijf herdrukken.

Huwelijk en werk in Batavia

In juni 1933 vertrok Diet Kramer naar Nederlands-Indië. Ze voegde zich bij Wim Muller, die samen met zijn oudste zoon in Batavia woonde. Zijn echtgenote was inmiddels met de twee jongste kinderen teruggekeerd naar Nederland. Intussen had Diet Kramer het jongensboek Razende Roeltje boek gereed, dat in november van dat jaar verscheen. Diet en Wim trouwden op 24 januari 1934, zeven weken nadat Muller officieel was gescheiden. Op 18 oktober 1934 werd een dochter geboren en op 2 augustus 1936 een zoon. Ze vond de combinatie van gezin en schrijverschap moeilijk, maar toch bleef ze schrijven en publiceren. In 1935 verschenen zelfs twee boeken: Vechters, dat ze publiceerde onder de aan de naam van haar grootmoeder ontleende schrijversnaam Dingena de Pater, en De Bikkel. Naast de zorg voor het gezin en het schrijverschap hield ze af en toe lezingen en was ze op het Bataviaas Lyceum actief bij de opvoering van toneelstukken.

In 1936-1937 ging het gezin Muller-Kramer met verlof naar Nederland. Dat bood Diet Kramer onder meer de gelegenheid om ook hier lezingen over haar werk te houden. Na terugkeer in Indië verhuisde het gezin in verband met overplaatsingen van Muller naar achtereenvolgens Bandung en Djokjakarta. In deze periode publiceerde ze onder meer Roeland Westwout (1937), Onrustig is ons hart (1939), Eindexamen 1940 (1940) en Lodewijk de rattenvanger (1941).

Tijdens de Tweede Wereldoorlog zat Diet Kramer met haar twee kinderen in interneringskampen op Java. Haar man overleed vlak voor de bevrijding in een mannenkamp. Geknakt keerde ze in 1946 terug naar Nederland – ze was toen 39 jaar – en vestigde zich in Den Haag. Door de gebeurtenissen in de oorlog en vooral de dood van haar man bleef Diet Kramer kampen met fysieke en psychische problemen. Ze publiceerde nog enkele boeken, zoals Thuisvaart (1948), waarin ze haar ervaringen in de kampen en bij de repatriëring verwerkte. De rust ontbrak haar echter om zich volledig op het schrijfwerk te concentreren. Op 12 augustus 1965 overleed Diet kramer op 58-jarige leeftijd in Den Haag.

Betekenis

Diet Kramer is vooral bekend is geworden door haar boeken voor jonge mensen. De hoofdpersonen zijn opgroeiende meisjes en jonge vrouwen, maar ook jongens en jongemannen die op zoek zijn naar hun levensweg en hun plaats in de maatschappij. De verhalen laten zien welke maatschappelijke problemen er in die tijd speelden en hoe de personages hun persoonlijke problemen oplossen. Dat geldt eveneens voor haar romans voor volwassenen. In Vechters (1935) spelen bijvoorbeeld de toenmalige economische crisis en de daarmee gepaard gaande werkloosheid een grote rol. In de boeken voor jonge kinderen, zoals Lodewijk de rattenvanger (1941), zijn spanning en humor belangrijke ingrediënten. Haar romans werden door een breed publiek gelezen, net als het werk van schrijfsters als Willy Corsari en Emmy van Lokhorst. Een belangrijk kenmerk van deze populaire ‘middlebrow’ literatuur is de aanwezigheid van een duidelijke pedagogische boodschap.

Het werk van Diet Kramer is veel gerecenseerd. In het algemeen werd het gunstig beoordeeld, en die waardering geldt nu nog. In vakliteratuur over kinder- en jeugdboeken en in recensies wordt Diet Kramer neergezet als iemand die haar publiek, in het bijzonder jongeren, iets te zeggen had. Ook was er kritiek. Zo misten sommige protestantse critici soms een duidelijk christelijk perspectief. En Menno ter Braak vond dat de ‘puberteitsproblemen’ in De Bikkel (1935) ‘ontstellend simplistisch en oppervlakkig’ waren voorgesteld en tegelijk ‘veel te diep en te tragisch’ werden genomen.

Naslagwerken

Damescompartiment; Ter Laan.

Archivalia

  • Stadsarchief Amsterdam: gezins- en archiefkaarten ouders van Diet Kramer.
  • Historisch Documentatiecentrum voor het Nederlands Protestantisme (1800-heden), Amsterdam: archief P.J. Risseeuw, collectienr. 198: 30 brieven van Diet M. (Muller-)Kramer, 1928-1929, 1932, 1935, 1948-1953, een overlijdensbericht, ‘In memoriam Diet Kramer’ en een krantenbericht over de begrafenis van Diet M. Kramer, 1965.
  • Historisch Documentatiecentrum voor het Nederlands Protestantisme (1800-heden), Amsterdam: archief Wilma Vermaat, collectienr. 462: ongedateerde brief van U.M. Holland over Diet Kramer.
  • Universiteitsbibliotheek, Amsterdam: bedrijfsdocumentatie van de uitgeverijen Bosch & Keuning, Jacob van Campen, Van Holkema & Warendorf, Holland en Hollandia.
  • Centraal Bureau voor de Genealogie, Den Haag: persoonskaart.
  • Letterkundig Museum, Den Haag: brieven en artikelen van Diet Kramer; typoscript ongepubliceerde roman Laten we eerlijk zijn; brief van Nico van Suchtelen aan Diet Kramer.

Publicaties

Behalve de in de tekst genoemde titels:

  • Stans van de Vijf-jarige. Met illustraties van W. Heskes (Amsterdam [1927]).
  • Ons Honk. Met illustraties van Karel van Seben (Amsterdam [1928]).
  • Kleine levens (Amsterdam [1929]).
  • Ber-tje en Boe-mi. Met illustraties van Tjeerd Bottema (Groningen [1931]).
  • [onder pseudoniem Paul van Ipenburg], Nog te klein. Met illustraties van Tjeerd Bottema (Groningen 1931).
  • Karakters en gebeurtenissen (Amsterdam [1938]).
  • Bij Bep in de stad. Met illustraties van Tilly Dalton (Batavia [1939].
  • Vijf rovers en een rovershol. Met illustraties van Tilly Dalton en bandtekening van P. Nierop (Bandoeng [1941]).
  • Het geheim van de gesloten kamer. Met illustraties van Tilly Dalton en bandtekening van P. Nierop (Bandoeng [1941]).
  • Zes + een werd 7. Met illustraties van A. van Bommel (Amsterdam, [1949]).
  • NB. Een volledige bibliografie zal verschijnen in het proefschrift van Janneke van der Veer.

Literatuur

  • P.J. Risseeuw, ‘Een boek voor de niet-kerkelijke jeugd van heden’, Zondagsblad behoorende bij De Rotterdammer, 28 -1-1933, 26-27.
  • P.J. Risseeuw, ‘Nog enkele aantekeeningen bij “Begin” door Diet Kramer’, Zondagsblad behoorende bij De Rotterdammer, 4-2-1933, 34.
  • Emmy Belinfante-Belinfante, ‘Diet Kramer’, Contact. Maandblad voor de Nederlandse Jeugd 1 (1934) 473-475.
  • M.t.B. [: Menno ter Braak], ‘Een boek van jeugdproblemen : Diet Kramer, De Bikkel. Uitg. Mij Holland Amsterdam Z.J.’, Het Vaderland, 17-11-1935.
  • A.H.M. Romein-Verschoor, Vrouwenspiegel. Een literair-sociologische studie over de Nederlandse romanschrijfster na 1880 (Amsterdam 1935) 224-226.
  • Caty Verbeek, ‘Diet Kramer. Een schrijfster voor de jongeren’, Libelle 4 (1936) nr. 36, 4-7.
  • Marijke van Raephorst, ‘Diet Kramer’, Libelle 17 (1950) nr. 33, 4-7.
  • P.F.M. Fontaine, ‘Er is geen man die deugt… Een analyse van Diet Kramers Stans van de Vijfjarige’, Jeugd en Samenleving 8 (1978) 155-160.
  • Marleen Wijma, ‘Diet Kramer’, Lexicon van de jeugdliteratuur, augustus 1985.
  • Joop van den Berg, ‘Diet Kramer. Thuisvaart, geen terugkeer’, Indische letteren 7 (1992) 49-577 (1992) 49-57.
  • Marleen van Vuurde, Indië, je moet er van houden. Een onderzoek naar Indië in de jeugdboeken van Diet Kramer (1998) [ongepubliceerde doctoraalscriptie Nederlandse taal- en letterkunde, Rijksuniversiteit Leiden].
  • Vilan de Loo, ‘Schrijfsters uit het Damescompartiment Diet Kramer (1907-1965)’, Moesson 45 (2001) 34-35.
  • Joop van den Berg, ‘De roman “Eindexamen” van Diet Kramer’, Indische letteren 23 (2008) 102-109.
  • Janneke van der Veer, ‘“Ik voel me soms buiten mijn wil geroepen tot de jeugd te spreken…”. Levenslessen van Diet Kramer’, Literatuur zonder leeftijd 28 (2014) 7-24.
  • Erica van Boven, ‘De sociale betekenis van publieksromans. Een verkenning van het literaire middenveld’, Zdenka Hrnčířová e.a. (red.), Praagse Perspectieven 9. Handelingen van het colloquium van de sectie Nederlands van de Karelsuniversiteit te Praag (Praag 2014) 95-106.

Illustraties:

Diet Kramer, in boekenweekgeschenk 1934 (collectie Janneke van der Veer).

Auteur: Janneke van der Veer

laatst gewijzigd: 14/12/2015