Raas van Kruiningen, die Alexander Bonotone en Catalaan, Lombarden in Zierikzee, enkele bedragen tot een totaal van 14 pond groten Tournois schuldig was, ter aflossing waarvan graaf Willem III zekerheid heeft gegeven, draagt de graaf 150 gemet ambacht in Tolsende en in totaal 12 gemet tienden aldaar en in Nieuwlande op, waarbij de inkomsten aan de graaf zullen toevallen wanneer hij die schuld niet op de vastgestelde dagen betaalt; de oorkonde wordt meebezegeld door de graaf en enkele met naam genoemde ridders en knapen.
Raesse van Cruyningen.
In de marge een teken in de vorm van een cirkel met drie punten; eronder is een boompje getekend.
De bovenstaande datering is gebaseerd op de veronderstelling dat de paasstijl is toegepast. Zie de Inleiding.
Uit de tekst is niet goed op te maken of het nu om twee of drie Lombarden gaat; vgl. ook het in het register voorafgaande nr. ZE 400.
Allen den ghenen die desen brief zullen zien jof horen lesen make ic cond Raesse van Cruninghe dat ic sculdich was Alexander Bonotone, Katelane, ende horen ghesellen, Lomberdera in Zeerixeeb, zeven pond ende twalf peninghe ouder groete coninx Tornoysec van rechten hoifsteld ende twalf e groter Tornoysef des daechs van teringhe van Paesken intg jaer ons Heren M CCC XXIII toit desen daghe toe; voirt was hic hem sculdich ses ende twintich scellinghe ende zes peninghe groeteh van rechten hoistel ende vier groete des daechs i van teringhej van sinte Baven daghek int jaer ons Heren M CCC XXIIII toit desen daghe toel, dair si opene brieve van allen of hadden bezeghelt met mijns heren mijns vader zeghel ende met scepene zeghel van Zerixeem, die si op ghelevert hebben. Ende want mijn lieve enden gherechte here mijn here die grave van Heynnegouweno ende van Holland mi gheholpenp heeft van alle deser scout, beyde van hoeftghelde ende van teringhe, om viertien pond grote, te betalen die ene helfte te Bamisseq ende die ander helfte toit onser Vrouwen lichtmisser naist comende, ende Jan Heynrix sone sinen rentemeyster van Bewesters Scelt t dese viertien pond grote voirscreven van sinen weghen voir mi heeft doen verzekeren den Lomberden van Zeerixeeu te betailen ten daghe voirs., zo hebbe ic minen lieven here den grave voirs. op ghedraghen in jeghenwoirde siere manne voir dese viertien pond groete voirscreven ander half hondert ghemete ambochts die ic van hem houde legghende in Totelsendev, ende zes ghemete tiende inTotelsendew die ic in pachte houde van den heren van Oudemonsterx, ende zes ghemete tiende van minen tiende int Nieweland van den besten ende in dairs hem best ghenoghet, die ic in pachte houde van den heren van Oude monstery voirs., sinen vrien wille mede te doene in manieren: es dat ic dit ghelt zelvez betale telken daghe voirscreven sonder ghebreca', zo zal ic mine tiende ende ambocht voirs. vriliken ghebruken; waer oec dat zake dat icb' dit ghelt niet en betailde toit elken daghe, jof dat icc' eend' deel ghave ende ic niet te vollen en betailde, zo souden ambocht ende tienden voirs. mijns heren sgraven vri e' wesen sinen vrien wille mede te doene, ende den pacht van den tienden voirscreven dien soude ic op dreghen den heren dair ic den tiende of houde ende quite scelden tot mijns heren sgraven behoef, ende hem dien pacht doen verlien. Ende alle stucken sonder arghelist.
Ende omme dat ic dit vast ende ghestade houden wille, zo hebbe ic desen brief bezeghelt met minen zeghele; ende omme die merer sekerheyde zo hebbe ic ghebeden minen lieven here den grave voirs., heren Janf' van Cruninghe, heren Jang' van denh' Zilei', ridderen, Daniel van Baersdorpj', Godevaerdk' van Stapele ende Jan Wolfertl', knapen, dat si desen brief met mi bezeghelen. Ende wi Willaemm' grave voirs., Jan van Cruninghenn', Jan van den Zile, ridderen, Daniel van Bardorpo', Godevairtp' van Stapele ende Jan q' Wolfaertr', knapen, om bede van Raissen van Cruninghen ende omme die merer sekerheyde van allen stucken voirscreven zo hebben wi desen brief met Raissens' open bezegheltt' met onsen zeghelen. Ghegheven in Middelburchu' des woensdaghes voir Midvasten int jaer ons Heren M CCC XXVI.
v' Hanc litteram habet Ihoannesw' filius Heynrici receptor x' Bewesterscelty' in Zeelandia.
- Raas van Kruiningen
- Alexander Bonotone, Lombard in Zierikzee
- Catalaan, Lombard in Zierikzee
- Zierikzee
- graaf Willem III
- Henegouwen
- Holland
- Jan Hendriksz. rentmeester van Bewesten Schelde
- Zeeland
- Tolsende (Zuid-Beveland)
- Oudmunster (te Utrecht)
- Nieuwlande (Kruiningen)
- heer Jan van Kruiningen, ridder
- heer Jan van den Zijl, ridder
- Daniel van Baarsdorp, knaap
- Godfried van Stapel, knaap
- Jan Wolfert, knaap
- Middelburg