Instellingen en personen

 
English | Nederlands

Instelling

ALGEMEEN
Naam Raad van Beroep in Utrecht
naam, varianten raden van beroep
naast de raden van beroep stonden de al langer bestaande raden van beroep voor de vermogens-belasting en voor de personele belasting , zo ook de raden van beroep voor de directe belastingen (sedert 1914)
de fiscale raden worden aangeduid als “raden van beroep (D.B.)”, de raden die zich bezighielden met de sociale verzekeringen heetten “raden van beroep (O)”, later “raden van beroep (S.V.)”
ook in toegangen op archieven worden deze soorten raden soms met elkaar verward
de raad van Beroep in Utrecht moet wel onderscheiden worden van de daar gevestigde Centrale Raad van Beroep.
periode van bestaan 1902 - 1967
organisatie en inrichting de raden bestonden aanvankelijk uit een voorzitter, een of twee ondervoorzitters, een of twee plaatsvervangende voorzitters en een gelijk aantal werkgevers- en werknemersleden
vanaf 1957 betrof het twee keer vier leden
voorzitter en griffier dienden jurist te zijn, de leden waren leken
opname van leken ging uit van de veronderstelling dat door het toekennen van medezeggenschap aan belanghebbenden het vertrouwen in de rechtspraak bij dezen zou worden bevestigd
een ander motief was dat men een tegenwicht wilde vormen voor het feit, dat de uitvoering van de Ongevallenwet 1901 aan een ambtelijke instantie, de Rijksverzekeringsbank was opgedragen
de wet van 1902 voorzag in een gecompliceerd stelsel van aanwijzing van de werkgevers- en werknemersleden
in de praktijk werden deze aangewezen door de erkende vakcentrales van werkgevers en werknemers
vanaf 1917 benoemden Gedeputeerde Staten de leden

in 1902 werden 17 raden opgericht met als standplaatsen:
Amsterdam
Rotterdam
Middelburg
Roermond
Almelo
Leeuwarden
Haarlem
Dordrecht
Breda
Arnhem
Hoogeveen
Den Haag
Den Bosch
Utrecht
Zutphen
Groningen

aangezien dit te veel bleek te zijn, werd dit aantal in 1917 verlaagd tot 7 met de volgende standplaatsen:
Amsterdam
Rotterdam
Den Haag
Den Bosch
Arnhem
Groningen
Roermond
de Raad in Utrecht werd toen dus opgeheven

ressort
het ressort van de Raad in Utrecht omvatte tussen 1902 en 1917 de provincie Utrecht
als gevolg van de nieuwe Beroepswet van 1955 kwamen er in 1957  raden bij in Zwolle, Utrecht en Haarlem.
taak, activiteiten beroep van beslissingen van de Rijksverzekeringsbank, later de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid
hoger beroep was mogelijk bij de Centrale Raad van Beroep
van beslissingen van een bedrijfs-vereniging was beroep mogelijk op een scheidsgerecht (zie daar)
in de archieven van de gewone rechtbanken (, kantongerecht, arrondissementsrechtbank, gerechtshof) komen ook stukken voor die betrekking hebben op de uitvoering van sociale verzekeringen
het gaat dan om strafzaken zoals oplichting van werklozenkassen, weigering om premie te betalen, opgave van een te lage loonklasse, enz. enz.

op grond van de volgende wetten was beroep mogelijk:
Ongevallenwet (1901)
Invaliditeitswet (1913)
Ouderdomswet (1919)
Ongevallenwet (1921)
Land- en Tuinbouwongevallenwet (1922)
Ziektewet (1929)
Mijnwerkersinvaliditeitswet (1933)
Kinderbijslagwet voor Loontrekkenden (1939)
Luchtbeschermingsongevallenverzekering (1941)
Werkloosheidswet (1949)
Algemene Ouderdomswet (1956)
Algemene Weduwen- en Wezenwet (1959)
Kinderbijslagwet voor rentetrekkers (1959)
Algemene Kinderbijslagwet (1962)
Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (1963)
Kinderbijslagwet voor kleine zelfstandigen (1963)
Interimwet Invaliditeitsrentetrekkers (1963)
Wet Werkloosheidsvoorziening (1965)
Liquidatiewet Invaliditeitswetten (1965)
Wet Arbeidsongeschiktheidsverzekering (1967)
Liquidatiewet ongevallenwetten (1967).
voorloper
geen
opvolger
literatuur (NCC) archieven

Inventaris van de archieven van de Raad van Beroep te Haarlem 1960-1969 en het Ambtenarengerecht te Haarlem 1960-1969
Winschoten [Centrale Archief Selectiedienst], 1997. 21 p.
[CAS-inventaris, nr. 251]


periodieken en jurisprudentie

De rechtspraak van den Centralen Raad van Beroep inzake 's Rijks-Ongevallen-Verzekering
1 (1903) - jrg. 2 (1904)
[voortgezet als: Weekblad voor de rechtspraak der ongevallenverzekering ]

Weekblad voor de rechtspraak der ongevallenverzekering
1 (1905) - 2 (1906)
[voortgezet als: Weekblad voor de rechtspraak der sociale verzekering]

Weekblad voor de rechtspraak der sociale verzekering
3 (1907) - 8 (1912)

Maandblad bevattende uitspraken van den Centralen Raad van beroep en van de Raden van beroep inzake de Ongevallenwet, de Invaliditeitswet, de Ouderdomswet 1919 en de Land- en Tuinbouw-Ongevallenwet 1922
Utrecht, 1915-1934
[Voortzetting van: Weekblad voor de rechtspraak der sociale verzekering ]

Jaarboek voor de Nederlandsche ongevallenverzekering
1 (1903) - 2 (1904)
Sneek, 1904-1905
[gestaakt]

Centraal-orgaan voor de Ongevallenverzekering en andere werklieden verzekeringen
Haarlem, 1903-
1 (1903) - 7 (1910)
onder redactie van dr. J.E. Millard, griffier van de Raad van Beroep te Utrecht
[gestaakt]

Maandblad bevattende uitspraken van den Centralen Raad van beroep en van de Raden van beroep inzake de Ongevallenwet, de Invaliditeitswet, de Ouderdomswet 1919 en de Land- en Tuinbouw-Ongevallenwet 1922
Utrecht, 1915-1934


publicaties over de Raden van Beroep

Duijs, J.E.W.
Recht of klasserecht? Een en ander over de rechtspraak door leeken, in het bijzonder beschouwd in verband met de samenstelling en werking der raden van beroep
Amsterdam, 1904. 86 p.

Faber, W.
90 jaren in beroep. Geschiedenis van de raden van beroep en de ambtenarengerechten
Zwolle, 1992. 208 p.

De Raden van Beroep, schets in hoofdlijnen van doel en werkwijze van de Raden van Beroep, zoals geregeld in de Beroepswet van 1955
Den Haag [Raad van de Centrale Ondernemingsorganisaties RCO], 1987. 18 p.

Roos, N.H.M.
Lekenrechters. Een empirisch onderzoek naar het functioneren van de lekenrechters bij de Raden van Beroep voor de sociale verzekeringen
Deventer, 1982. 248 p.

NN
“Er komt voortgang”, in:
Sociaal Weekblad , 15 (1901), p. 589-591
[over de raden van beroep]

Marie Jungius
“Een vraag van het Nationaal Bureau van Vrouwenarbeid”, in:
Sociaal Weekblad , 15 (1901), p. 611-612 en 16 (1902), p. 428
[mogen vrouwen lid worden van de raden van beroep ?
antwoord: nee]

NN
“De beroepswet”, in:
Sociaal Weekblad , 16 (1902), p. 397-399

NN
“De raden van beroep voor de ongevallenverzekering”, in:
Sociaal Weekblad , 16 (1902), p. 308

NN
“Rechtsbijstand voor de raden van beroep”, in:
Sociaal Weekblad , 16 (1902), p. 504, 522 en 539

NN
“Kosteloze bijstand voor de raden van beroep”, in:
Sociaal Weekblad , 16 (1902), p. 593-594

NN
“Het kaartenstelsel in de praktijk”, in:
Sociaal Weekblad , 16 (1902), p. 666
[over de wijze van verkiezing van de lekenleden].
typering
zuil
doelgroepen
ARCHIEF
periode archief
vindplaats onbekend
openbaarheid niet van toepassing
omvang; inventarisnummers onbekend
informatiedrager onbekend
vernietigd ingevolge beschikking van de ministers van WVC en Justitie van 11 maart 1991 nr. RAD/CD/A91.233/H.D.O.R.R. nr. 47639 komen alle zaakdossiers van raden van beroep zeven jaar na afdoening danwel beëindiging van de zaak in aanmerking voor vernietiging
een oudere beschikking van ongeveer dezelfde strekking is:
beschikking minister van Justitie van 27 september 1972 nr. 598/872
toegang(en) niet van toepassing
kenmerk toegang niet van toepassing
indices op toegang niet van toepassing
originele archivalia van archiefvormer in andere archieven onbekend
originele archivalia van andere archiefvormers in dit archief; gedeponeerde archieven onbekend
opmerkingen geen
INHOUD
structuur archief onbekend
structuur toegang niet van toepassing
bijlagen bij de toegang niet van toepassing
statistische gegevens onbekend
inhoud overig onbekend
verwijzingen naar wetten, maatregelen en/of de uitvoering daarvan Beroepswet 1902 (Staatsblad 208)
wetswijziging van 1 mei 1917 (Staatsblad 358) (verlaging aantal raden van 17 naar 7)
wetswijziging van 16 mei 1925 (Staatsblad 190)
wetswijziging van 22 juli 1935 (Staatsblad 421)
Beroepswet 1955 (Staatsblad 47)

uitvoeringsbesluiten
KB van 8 december 1902 (Staatsblad 210) (vaststelling ressorten en standplaatsen)
KB van 8 december 1902 (Staatsblad 212) (benoeming leden)
KB van 20 april 1956 (Staatsblad 212) (vaststelling standplaatsen en rechtsgebieden).
verwijzing naar andere archiefvormers
geografische verwijzingen de provincie Utrecht
internationaal niet van toepassing
opmerkingen geen